De 6 ergst mislukte miljoenentieners

Is het moreel verantwoord om 16-jarige jongetjes voor miljoenen binnen te halen? Is het goed voor de speler? Is het eerlijk ten opzichte van de club waar hij groot werd? Deze vragen zijn met transfers als die van Riechedly Bazoer of Martin Ödegaard nog steeds actueel. Maar is het als topclub ook wel slim om met miljoenen te smijten voor tieners?

Er zijn voldoende voorbeelden die suggereren dat het niet al te slim is. Iedere club wil de nieuwe Lionel Messi binnenhalen, maar daar is er slechts één van. Clubs blijven spelers zo jong mogelijk aantrekken, ze riskeren daar zelfs transferverboden en boetes voor. In Nederland zien we dat eigenlijk al ons talent dat jong naar het buitenland trekt, op Tim Krul na, na een paar jaar een illusie armer weer terugkeert. Hoe zit dat internationaal gezien? Hier zes miljoenentieners die het niet hebben gered:

1. Frán Mérida

In 2003 legde Arsenal 3,2 miljoen euro neer voor de toen 16-jarige FC Barcelona-middenvelder Cesc Fàbregas. Dat bleek later een koopje. Reden genoeg voor Arsène Wenger om twee jaar later datzelfde bedrag te betalen aan diezelfde club voor de ‘nieuwe Fàbregas’, de 15-jarige Frán Mérida. Dat bleek later kapitaalvernietiging. Mede door blessures ontwikkelde Mérida zich dramatisch, later slaagde hij ook niet bij Atlético Madrid, Sporting Braga en Hercules Alicante. Na wat jaren onderin de Braziliaanse competitie en een tijdje in het tweede elftal van Paranaense kwam hij in januari bij SD Huesca in de Segunda División B terecht.

2. Peter Ofori-Quaye

In de zomer van 1997 brak Ghanees Peter Ofori-Quaye het record van duurste 17-jarige speler ooit. Voor 2,8 miljoen verliet hij PS Kalamata voor de Griekse topclub Olympiakos Piräus. De spits, die eerder op zijn 16e de jongste doelpuntenmaker in Griekenland ooit werd (het record staat nog steeds) leek een immens talent, zeker toen hij een paar maanden later op zijn 17e de jongste speler ooit werd die scoorde in de Champions League (ook dat record is nog van hem). Helaas hield het daar zo’n beetje bij op, vijf jaar later dumpte Olympiakos de niet meer presterende spits bij Liberty Professionals Accra in zijn geboorteland. De nu 35-jarige Ofori-Quaye speelt momenteel voor Bechem United.

3. Slobodan Rajkovic

Deze kennen we nog wel. De beleidsbepalers van OFK Belgrado moeten in 2006 een gat in de lucht gesprongen hebben toen Chelsea opeens 5,2 miljoen euro bood voor hun 16-jarige centrumverdediger Slobodan Rajkovic. De Londenaren verhuurden hem eerst aan zijn oude club, toen aan PSV, FC Twente en Vitesse, maar kwamen er snel achter dat Rajkovic wel net zo groot en sterk was, maar verder in niets leek op Branislav Ivanovic. In 2011 waren ze blij dat Hamburger SV nog twee miljoen wilde neerleggen voor de Serviër, die nu onbetwist bankzitter is bij de Duitsers.

4. Bojan Djordjic

Niet alle Zweden met een achternaam eindigend op ‘ic’ zijn magiërs. Manchester United kwam daar helaas pas achter nadat het in 1999 liefst 1,5 miljoen euro had betaald voor de 16-jarige linksbuiten van Brommapojkarna. Een geweldig talent vonden ze hem eerst nog, maar toch lieten ze hem in 2004 na slechts twee wedstrijden in het eerste vertrekken naar Glasgow Rangers. Na Plymouth Argyle, AIK, Videoton, Blackpool, Royal Antwerp, weer Brommapojkarna en Vasalund kwam hij bij Chennaiyin FC uit India met Marco Materazzi als coach terecht. Dat gun je niemand.

5. John Bostock

Crystal Palace is een club die van oudsher ontzettend veel talent produceert, dat dan van oudsher snel weggekocht wordt door grotere clubs. Zo geschiedde ook met John Bostock, die in 2008 als 16-jarige voor 2 miljoen naar Tottenham Hotspur vertrok. Niet veel later werd hij de jongste speler in het eerste van de Spurs ooit en was hij captain van Engeland Onder-17. Vervolgens verhuurden de Londenaren hem aan verschillende kleinere Engelse clubs, maar Bostock was het kwijt. Na een tijdje in de Verenigde Staten ging hij in 2013 naar Royal Antwerp, waar Jimmy Floyd Hasselbaink coach was. Ook daar redde hij het niet, Bostock is nu 23 en speelt bij OH Leuven op het twee niveau van België.

6. Fabricio Coloccini

De ‘Argentijnse David Luiz’ is nu een degelijke Premier League-speler bij Newcastle United, maar werd ooit door AC Milan aangezien voor een toekomstige wereldtopper. De 7,5 miljoen die de club in 1999 voor Coloccini betaalde geldt nog altijd als het op vier na hoogste bedrag ooit voor een 17-jarige. Hij was geen onaardig talent, maar brak nooit door. Milan, dat later ook bij Alexandre Pato, Marco Fossati, Nicola Pozzi, Michelangelo Albertazzi en Giacomo Beretta ettelijke miljoenen zag verdampen, verkocht hem in 2005 voor slechts 5 miljoen aan Deportivo La Coruña.

Foto bovenaan: Fabricio Coloccini (Bron: imguol.com).