Hoe oorlog het meesterplan van Shakhtar Donetsk dwarsboomt

Shakhtar Donetsk, de grootste club van Oekraïne, zetelt in de hoek waar de klappen van het Oekraïense conflict vallen. De club wilde dit seizoen proberen de Champions League te winnen, maar zit nu kilometers van huis, dromend van een stadion dat in puin ligt.

“We moeten alle competities winnen waarin we meedoen”, aldus Shakhtar Donetsk-eigenaar Rinat Akhmetov in augustus. “Dat zijn de Oekraïense competitie, de Oekraïense beker en de Champions League.” Een gebrek aan ambitie kan de op 104 na rijkste man op deze aardbol niet verweten worden. Akhmetovs geld gecombineerd met de visie van de meesterlijke scouts die in het verleden spelers als Fernandinho, Willian, Henrikh Mkhitaryan en Elano Blumer binnenhaalden, en het leiderschap van topcoach Mircea Lucescu zouden dit jaar dan eindelijk de door iedereen in Donetsk zo begeerde successen op het hoogste podium van Europa moeten opleveren.

Toch had ook Akhmetov in augustus al door dat het geen makkelijke opgave werd: “We willen onze fans met elke wedstrijd blij maken, ook al is niemand meer in de stemming voor voetbal.” Blij zullen Shakhtars supporters inderdaad niet zijn dit seizoen. Dat komt niet alleen doordat de club op een teleurstellende derde plaats staat met vier punten achterstand op Dinamo Kiev en Dnjepr Dnjepropetrovsk. Er zijn belangrijker dingen aan de hand in Donetsk, de op vier na grootste stad van Oekraïne. De stad is het middelpunt van een oorlog tussen de Oekraïense overheid en pro-Russische separatisten en werd in mei ‘onafhankelijk verklaard’ nadat negentig procent van de bevolking voor de autonome Volksrepubliek Donetsk gestemd zou hebben.

Vanaf dat moment wordt er vrijwel constant strijd geleverd in en om de stad en zijn de straten uitgestorven. Niemand maalt nog om de resultaten van de plaatselijke voetbalgrootmacht. Zelfs de meest verstokte supporter volgt de club niet meer, de separatisten hebben per slot van rekening de tv-ontvangst platgelegd.

Een club in ballingschap

Ook in de enorme Donbass Arena, die in 2009 de poorten opende voor ruim vijftigduizend bezoekers per wedstrijd, klinkt geen gejuich meer. Waar de televisie op grijs ging, werd het stadion in allerijl verlaten door de club. De indrukwekkende Arena, in de oranje-zwarte clubkleuren, heeft het zwaar te verduren gehad in diverse bombardementen. Op de plek waar in 2012 de halve finale van het EK tussen Portugal en Spanje gespeeld werd kwamen in oktober nog bommen neer.

Akhmetovs kroonjuweel, vierhonderd miljoen euro legde hij er voor neer, staat er nu leeg en vervallen bij: een ruïne. En het kantoorpand van waaruit hij de club bestuurde werd ingenomen door gewapende pro-Russische strijders. Het Shakhtar-imperium kon niets anders doen dan haar geliefde stad verlaten. De club verhuisde naar hoofdstad Kiev, waar aartsrivaal Dinamo Kiev de dienst uitmaakt, en speelt in Lviv, de stad die zichzelf al in februari onafhankelijk verklaarde van de later verdreven president Viktor Yanukovich.

Daar, meer dan duizend kilometer van de eigen Donbass Arena, speelt het van oudsher uit Oost-Europeanen en Zuid-Amerikanen samengestelde elftal van coach Lucescu haar thuiswedstrijden. Anderhalve week geleden lukte het hen niet om het verrassend sterke Dnjepr te verslaan, 0-0. Eerder verloor de club al van Zorya Lugansk (ook uit oorlogsgebied), Dinamo Kiev en stadsgenoot Metallurg Donetsk. Zo veel puntverlies is normaal gesproken ondenkbaar voor Shakhtar.

Shakhtars door bombardementen gehavende Donbass Arena. Foto: itv.com.

Shakhtars door bombardementen gehavende Donbass Arena. Foto: itv.com.

 

Dramatische transferzomer

De oorlog in Oekraïne en de onrust in de eigen stad zorgden ervoor dat Shakhtar afgelopen transferzomer een uitermate zwakke onderhandelingspositie had. Normaal gesproken importeert de club ’s zomers een dozijn creatieve Brazilianen, maar dit keer kon de club alleen de al bij Metallurg Kharkiv spelende Marlos en Márcio Azevedo zo ver krijgen om in het oranje en zwart te gaan spelen. Verder moest Lucescu genoegen nemen met de bij Dnjepr overbodige Oleksandr Gladky, een derderangs spits.

Ook hield een aantal spelers het niet meer uit in Donetsk. Facundo Ferreyra, de Argentijnse spits, vertrok naar Newcastle United en de ervaren aanvaller Eduardo ging terug naar zijn vaderland Brazilië om voor Flamengo aan de slag te gaan. Ook Tomas Hübschmann, de 32-jarige verdedigende middenvelder die in tien jaar bij Shakhtar acht landstitels, vier nationale bekers en één UEFA Cup won, verliet de club voor zijn oude club FK Jablonec, in zijn thuisland Tsjechië.

Toch had het allemaal nog veel slechter af kunnen lopen op transfergebied. Een groot contingent van Zuid-Amerikanen wilde niet terugkeren naar Oekraïne na een welverdiende vakantie. Akhmetov dreigde sterspeler Douglas Costa en diens landgenoten Fred, Dentinho, Alex Teixiera en Ismaily kwijt te raken, maar uiteindelijk lukte het de president om ze toch allemaal over te halen om weer in Oekraïne te komen voetballen.

Dromen van de Champions League

Akhmetovs droom van het vasthouden van de cup met grote oren blijft op deze manier slechts een droom. Zijn team schitterde in de 0-7 en 5-0 verpulveringen van BATE Borisov, maar kwam niet verder dan 0-0 tegen Athletic de Bilbao en 2-2 tegen FC Porto. Tegen die twee clubs mag Shakhtar nu overwintering in de Champions League gaan bewerkstelligen, een zware taak. Akhmetov, die al in 2011 verklaarde met zijn club ooit een keer het toernooi te willen winnen, zal er ook niet gerust op zijn. Lucescu en zijn mannen hebben het moeilijk met een – voor het eerst in jaren – verzwakte selectie, terwijl de steun van de supporters in de uithoek Lviv node gemist wordt.

De groep bannelingen staat met één been op het veld van een vreemd stadion en met het andere in gedachte naast de mensen van Donetsk, die het elke dag moeilijker krijgen. Voor het eerst in jaren moet de ploeg moeite doen om punten te sprokkelen en zal de technische staf met knikkende knieën aan de winterse transferperiode beginnen. De mogelijkheid om spelers aan te trekken is er zo lang het conflict over Oost-Oekraïne raast nog steeds nauwelijks, terwijl het aanstaande verbod op Third Party Ownership de club ook hard zal raken. Akhmetov en Lucescu gebruikten vaak ingewikkelde constructies om spelers te halen en te behouden.

Ondertussen kijken veel clubs vol belangstelling naar de talentvolle Brazilianen die nog niet vertrokken zijn. Vooral supertalent Bernard, doelpuntenmachine Luiz Adriano en de creatieve Douglas Costa lijken nu gemakkelijke koopjes voor de grote clubs van Europa. Zo lijkt de door Lucescu gedurende tien dienstjaren bij Shakhtar zorgvuldig opgebouwde en doorgeselecteerde ploeg uiteen te vallen vóór het hoofddoel bereikt is: de Champions League winnen.

Lees meer: Het verbod op Third Party Ownership: wat zijn de gevolgen?

Nog donkerder wolken

Toch zijn dit nog niet de grootste zorgen aan het sluwe hoofd van Rinat Akhmetov. De manier waarop de 48-jarige zakengigant aan zijn fortuin is gekomen is altijd al omstreden geweest, zo zou hij in zijn jonge jaren furore hebben gemaakt in de Oekraïense maffia. Hij zou de assistent van Akhat Bragin zijn geweest, de man die in de jaren tachtig en negentig één van de hoogste maffiosi van het land was en tevens eigenaar van, jawel, Shakhtar Donetsk. In 1995 kwam Bragin door een bomaanslag om het leven en werd Akhmetov de hoogste man bij de club. En, volgens boze tongen, de hoogste man bij Bragins maffia.

Rinat Akhmetov kan niet meer zonder zijn bodyguards. Foto: kyivpost.com.

Rinat Akhmetov kan niet meer zonder zijn bodyguards. Foto: kyivpost.com.

 

Akhmetov heeft de aantijgingen altijd ontkend en zijn blazoen schoon gehouden, maar dit jaar kwam hij in nog zwaarder weer terecht: de afgezette president Viktor Yanukovich was namelijk één van zijn beste kameraden. Akhmetov zou Yanukovich’ politieke carrière zelfs op gang hebben geholpen, door in 1997 de juiste mensen het juiste geldbedrag te hebben betaald om Yanukovich gouverneur van de provincie Donbas te maken. Nu de president gevlucht is naar Rusland en de Oekraïners hem verguizen zit Akhmetov met een groot imagoprobleem.

Daar komt nog eens bovenop dat pro-Russische separatisten claimen gefinancierd te worden door de zakenman, een aantijging die Akhmetov stellig tegenspreekt. “Deze separatisten voltrekken een genocide in Donbas”, sprak Akhmetov zich fel uit op 19 mei. Een dag later organiseerde hij een enorme vredesmars in de Donbass Arena.

Het heeft weinig geholpen.

Club als reclamezuil

Nu de clubeigenaar de separatisten niet meer tot zijn vrienden kan rekenen is hij bezig de Oekraïense overheid, die Akhmetovs vriendschap met Yanukovich nog niet vergeten is, te paaien. Zo steekt hij miljoenen in het sturen van humanitaire hulp naar Donetsk en spoort hij Shakhtar-spelers als aanvoerder Dario Srna aan hetzelfde te doen. Ook is de verblijfplaats van Akhmetovs club, Kiev, waar de overheid zetelt, niet toevallig gekozen.

En Shakhtar week niet voor de lol uit naar een stadion op duizend kilometer afstand van haar eigen onderkomen: Lviv is de stad waar de Euro Maidan-beweging, die leidde tot Yanukovich’ ondergang, als eerste voor onafhankelijkheid zorgde. De inwoners zijn nationalistisch tot op het bod en haten alles wat met Rusland te maken heeft. Door zijn ploeg in juist die stad te laten spelen gaf Akhmetov een signaal af: ik ben pro-Oekraïne. Zo heeft Shakhtar Donetsk niet alleen het barre noodlot van haar fans, lege tribunes in het verre Lviv en een onmogelijkheid om de club te versterken zolang het conflict duurt als probleem, maar ook nog eens een eigenaar die via de acties van de club tegen de wereld probeert te zeggen: kijk wat een toffe peer ik ben.

De club die vier seizoenen op rij met twee vingers in de neus kampioen van Oekraïne werd zit heel diep in de problemen en kan daar zelf op dit moment niets aan doen. De politieke situatie in het land kent slechts een aantal winnaars en vele verliezers. Shakhtar is er één van die laatste groep en moet hopen dat er zo snel mogelijk een definitieve vrede tot stand komt. Tot die tijd hoeft de club niet meer aan Champions League-winst te denken…

Foto bovenaan: forbes.com.