In with the old, out with the new: waarom de jeugd niet de toekomst is voor Nederlandse clubs

Dit artikel is oorspronkelijk op ThePostOnline geplaatst op 11-12-2013.

_Voetbal_A_C_auto_auto_c651_c370_q95_BrumaRekik_3_

Ik weet dat dit een riskant moment is om dit stuk te schrijven, aangezien Ajax vanavond misschien weleens kan winnen van elf Milanezen en iedereen dan zal zeggen: “zie je wel”. Dan zal het lijken alsof ik ongelijk heb. Dan zal de gapende wond van het Nederlandse voetbal weer heel even bedekt worden door een pleistertje tegen het bloeden. Als Ajax van AC Milan wint, zal het doel van de clubdirectie om “het beste jonge elftal van Europa” samen te stellen, gerechtvaardigd worden. En dan zullen Cruijff en co blijven dromen van een team dat in de voetsporen kan treden van de gouden generatie van 1995. Een droom, waarvan ik je nu al kan vertellen dat ie nooit uit zal komen. Zulke dromen zijn júist het manco van het Nederlandse voetbal op dit moment. Jonge elftallen winnen geen prijzen. Jonge elftallen imponeren niet in Europa.

Força FC Porto, een voorbeeld voor de Eredivisie

fc-porto-2013-2014-kits

Oog in oog met Estadio do Dragão voelt een mens zich nietig. Het enorme stadion torent zo hoog boven je uit dat je plotseling snapt hoe een mier zich voelt naast de neus van Zlatan Ibrahimovic, en het uitzicht is zo adembenemd uitgestrekt en mooi dat je opeens begrijpt hoe Vasco Da Gama zich voelde toen hij de Indische Oceaan voor zich zag opdoemen. Even slikken. Je kunt er alleen maar stil van worden en alles in je opnemen. Het stadion is vrijwel geheel open, waardoor je vanaf buiten de binnenkant in volle glorie kunt zien. Een wedstrijd daar beleven, met dat prachtige uitzicht op de achtergrond, moet fantastisch zijn. Oog in oog met Estadio do Dragão denk je eigenlijk maar één ding: hier moet wel een hele bijzondere club voetballen.

De 100 grootste talenten van nu – waar staan zij over drie jaar?

De 100 grootste talenten van nu – waar staan zij over drie jaar?

Voetbalfans houden van lijstjes. We houden overal lijstjes voor bij. Er zijn natuurlijk zeshonderdduizendmiljard lijstjes over wie de beste voetballer ooit is, er is een lijst met de gestoordste voetballers, één met de grappigste voetballersnamen, eentje met de tien dikste voetballers ooit, een lijst van voetballers waarbij je je vriendin mee kunt nemen naar de wedstrijd zodat ze ook wat te bekijken heeft, de tien beste voetballertjes uit oempa loempa-land en zelfs een lijst met (voor de voetballerij heel unieke) intelligente voetballers. We houden van deze lijstjes, omdat we eindeloos kunnen discussiëren dat Messi beter is dan Pelé, maar Cruijff beter dan Maradona en die toch weer legendarischer dan Messi… Huh, wat? Wat we ook graag doen is mensen ‘de Nieuwe Puntje-puntje-puntje’ noemen. De Nieuwe Pelé, de Nieuwe Beckenbauer, de Nieuwe Patrick Pothuizen, noem maar op. Dus wat is er beter dan een lijst met alle ‘Nieuwe Puntje-puntje-puntjes’? Juist, een lijst met de grootste voetbaltalenten ter wereld.

Met 180 richting de afgrond

Arnautovic en Elia samen op de bank

Schoffies zijn het. Ratjes. Kwajongens. Nog steeds niet volwassen. Dát is wat er over Marko Arnautovic en onze eigen Hollandse jongen Eljero Elia meestal gezegd wordt. En niet dat ze zo’n geweldige dribbel in huis hebben, zulke prachtige voorzetten kunnen geven en heerlijke doelpunten maken. Niet meer tenminste. De laatste keer dat die twee iets positiefs over zichzelf konden lezen waren de Dr. Dre-koptelefoons waar ze nu zo stoer mee door de voetbalcatacomben slenteren nog niet eens op de markt. Arnautovic en Elia zitten samen bij Werder Bremen hun carrière te vergooien en lopen rond te racen over de snelweg, met 180 kilometer per uur richting afgrond. Maar niet getreurd! De nieuwe Bremen-coach Robin Dutt wil beide heertjes toch nog een kans geven. “Beiden krijgen een kans. Als na enige tijd blijkt dat ik goed met ze kan werken, zou dat perfect zijn”, aldus Dutt. Zelfvertrouwen heeft hij in ieder geval wel, maar heeft hij ook zelfkennis?