Elke maand brengen we een stukje van het nieuwe voetbaljournalistieke landschap van Nederland in kaart. Deze keer is Tussen de Linies, aangevoerd door Remon Hendriksen, aan de beurt. De statistiekenkoningen proberen met keiharde cijfers de nogal emotionele voetbaljournalistiek te verrijken, en slagen daar goed in.
Het is weer zo ver, we kunnen ongegeneerd bitchen over de shortlist van FIFA’s Ballon d’Or. Waar is Arturo Vidal? Waarom staat Xavi erop terwijl hij niet top was? Waarom zo weinig verdedigers; waarom geen Dante? Het zijn de mooie dingen van voetbalsupporter zijn, er zijn zes miljard meningen en het is onmogelijk om de 23 beste voetballers op aarde objectief te selecteren. De één vindt Neymar een wervelwind op noppen, de ander vindt hem een overdreven gestylede natte scheet. Het levert discussies op die de lange dagen met z’n allen ingeblikt op kantoor zitten dragelijk maken, die de ingekakte kroeggesprekken meer verlevendigen dan een paar extra glazen bier. Discussiëren over wie de beste is, is wat ons voetbalsupporters van elkaar onderscheidt, maar ook wat ons bindt: we hebben allemaal een voorkeur. Helaas willen steeds meer statistici deze eeuwigdurende onenigheid voortijdig vermoorden. Door cijfers te blijven gooien, en te ‘bewijzen’ wie echt de beste is.
Danny Welbeck scoort niet de meeste goals en strooit niet met de meeste assists, en zal dat waarschijnlijk ook nooit doen. Maar de aanvaller is niet in statistieken te vangen. Hij voetbalt met de vrijheid van een kind en is zo de ultieme herinnering aan waarom we überhaupt ook alweer voetballen.