We gingen footgolfen en dat was heel leuk

De hoofdredactie dook afgelopen weekend in de wondere wereld van het footgolfen – je weet wel, een bal in een gat werken in zo min mogelijk schoten. Een simpele, maar niet te onderschatten sport, die iedere voetballer eigenlijk een keer zou moeten ervaren.

Footgolf is een combinatie tussen twee sporten die door totaal verschillende lagen van de samenleving beoefend worden: voetbal en golf. Hoewel veel (ex-)profvoetballers heel verdienstelijk golfen, zullen er maar weinig amateurvoetballers zijn die ook regelmatig op de golfbaan te vinden zijn. Voetballers en golfers zijn over het algemeen heel verschillende typen mensen.

Toch heeft het fenomeen footgolf, ooit bedacht door voormalig Barça-middenvelder Juan Manuel Asensi en sinds een toernooi vol profs en BN’ers in 2009 groot geworden in Nederland, een soort brug geslagen tussen twee werelden. Al is het resultaat toch eigenlijk vooral voetbal voor mensen die niet kunnen voetballen, en golf voor mensen die niet kunnen golfen.

Maar goed, we gingen dus footgolfen, Ruben, ik en twee vrienden. Nadat we alle vier ons eerste schot gelost hadden, lagen er al drie ballen in de sloot. Ons gevoel van ‘ach, hoe moeilijk kan het zijn?’ was direct verdwenen. Vergis je niet: footgolf is moeilijk. Het veld was redelijk goed, maar door vervelend gepositioneerde bomen, struiken en vooral sloten (alsof ze het expres gedaan hadden!) was het niet gemakkelijk je bal richting dat verdomde gat te krijgen.

Net zoals in het echte voetbal zijn er twee tactieken: tiki taka en parkeer de bus. De meeste ervaren voetballers zullen in eerste instantie voor de tiki taka gaan, zich Andrés Iniesta wanen en denken dat ze die bal wel even artistiek over die bosjes heen wippen. Maar nadat dat een keer mislukt is en je er op een pijnlijke manier achter komt dat elk van die onschuldig lijkende bosjes vol gemene doorns zit, schakel je waarschijnlijk over op parkeer de bus.

footgolf2

De schrijver van dit artikel in een poging Andrea Pirlo na te doen, en falend.

 

Parkeer de bus is het vermijden van ieder risico, en dan met name de allergrootste ramp die je in footgolf kan overkomen, minstens zo erg als scoren in je eigen doel: je bal de sloot in schieten. Dan krijg je namelijk een extra strafpunt, en degene met de minste punten wint. Risicovermijding is het mantra bij footgolf, dat is ook de reden dat degene die van ons vieren als enige vrijwel niets met voetbal heeft en eigenlijk alleen mee was gegaan om niet verstoten te worden uit de vriendengroep, won. Hij was als enige bezig met die bal zo snel mogelijk in dat gat te krijgen, zonder te proberen Andrea Pirlo te evenaren met allerlei te hoog gegrepen boogballetjes.

Er zijn zat redenen te bedenken om van footgolf een volwaardige sport te maken. Als je de golfbanen wat ingewikkelder maakt, met allemaal obstakels à la die in de minigames van FIFA, en echte profs laat strijden, zou ik zeker kijken. Is een stuk interessanter dan zo’n saaie interland-break. Spelers als Pirlo, Dimitri Payet en Hakan Çalhanoglu zouden waarschijnlijk heel goed zijn, ook oude helden als David Beckham of Juninho Pernambucano zouden nog op een hoog niveau mee kunnen. En er is de mogelijkheid dat jij en ik het misschien nog kunnen maken als footgolf-prof, want zonder conditie maar mét een goede trap ben je gewoon een footgolf-topper.

De belangrijkste reden om footgolf groter te maken is echter veel simpeler: het is gewoon heel leuk. Wat is er leuker dan 2,5 uur lang je vrienden uit te lachen en door hen uitgelachen te worden? Zonder heel erg moe te worden, zonder trappen op je enkels te krijgen, zonder te moeten balen van eventuele slechte teamgenoten. Gewoon lekker tegen een bal trappen, niet meer en niet minder. En geen gezeik met alle rijke eigenaren, corrupte bestuurders, doorgesnoven hooligans en zakelijke belangen.

Misschien is golf, de meest on-voetbalachtige sport die er is, wel de redding van het moderne voetbal.

Maar zo niet, is het gewoon nog steeds heel erg leuk. Ga het een keer doen!