De revanche van Arsène Bonaparte
Daar zit hij dan, op een stoeltje in São Paulo. Aan een bureau. Flink aan het onderhandelen over een contract met één of andere ongetwijfeld lichtelijk gestoorde, temperamentvolle Zuid-Amerikaanse voorzitter. Vijfentwintig jaar oud is hij nog maar, nu al bestempeld als ‘mislukt’. Maar nog steeds niet zo hard mislukt dat een Braziliaanse topclub hem lekker bij het grof voetbalvuil laat liggen. Nog niet zo hard mislukt dat hij naar de woestijn moet, om de hoop op een glansrijke carrière in het zand te begraven en vervolgens een zwembad vol bankbiljetten in te duiken. FC São Paulo wil de middenvelder heel graag contracteren, zelf moet hij er nog even een nachtje over slapen. Misschien verlangt hij nog naar vroeger tijden, misschien mijmert hij tussen de mooie praatjes van de Braziliaanse voorzitter door over hoe het allemaal anders had kunnen lopen.
