2014: Mijn WK als ‘journalist’

Na mijn rimpelloze WK in 2010, met de terugkeer van het oranjegevoel, moest 2014 in het teken staan van de terugkeer van mijn fascinatie met Brazilië. Hoe speciaal was het dat het mooiste toernooi van de wereld gehouden werd in het mooiste voetballand van de wereld? Het land van Ronaldo en Ronaldinho, van joga bonito, witte stranden, palmbomen en lachende mensen. Maar lang voor de aftrap had ik al door dat dat alles een illusie was, gecreëerd door de Braziliaanse president Dilma Rousseff en FIFA-baas Sepp Blatter.

In 2014 beleefde Buitenkant Voet, het blog dat ik met studievriend Ruben van Vliet een jaar eerder startte, hoogtijdagen. Maandelijks hadden we duizenden pageviews en rondom het WK soms zelfs tienduizenden, ons schrijversteam was een man of tien (en één vrouw) sterk. Niemand verdiende er een cent aan en we hadden een hoop plezier, maar we waren ook serieus in onze ambitie: Buitenkant Voet moest alles zijn wat de Nederlandse voetbaljournalistiek niet was. Dat resulteerde in een mix van absurdistische humor, (semi-)literaire odes aan onze voetbalhelden en ellenlange analyses van obscure clubs. Maar toen het WK naderde doken we op iets anders dat al helemaal ontbrak in de Nederlandse sportmedia: kritiek op de FIFA.

In april trapte ik mijn anti-WK-kruistocht af met een artikel getiteld ‘Dit wordt het kutste WK ooit’[1]Bakker, E. (2014, 9 april). Dit wordt het kutste WK ooit. [Artikel]. Geraadpleegd van Buitenkant Voet: https://www.buitenkantvoet.com/2014/04/09/dit-wordt-het-kutste-wk-ooit/ en in de maanden erna volgde het ene na het andere betoog. Brazilië bleek het land van corruptie, mensenrechtenschendingen en rubber kogels. Intussen vulde Sepp Blatter zijn zakken. Ik was nog lang niet klaar om het WK volledig te boycotten, maar was ook niet bereid deze wanpraktijken te negeren. Nu ik het eerdergenoemde artikel teruglees, zie ik dat ik mijn standpunt in de laatste zinnen als volgt samenvatte: “Dus, lekker genieten van het WK? Ja. Ogen sluiten voor alle schandalige praktijken van de FIFA? Dat nooit.”

Wat dat betreft was het WK van 2014 voor mij een wankel evenwicht tussen mijn kijkervaring van de jaren ervoor en die van de jaren erna. De obsessie van 2006 was in volle kracht terug, want ik dook na zo’n beetje elke wedstrijd meteen achter mijn laptop om een stukje te tikken of verdween in mijn telefoonscherm om opinies rond te tweeten. Het genot en het oranjegevoel van 2010 bleven intact, want het Nederlands Elftal liet ons opnieuw hopen en daarnaast was er genoeg ander mooi voetbal. Maar ook het ongemak van 2018 en de weerstand van 2022 waren al volop aanwezig. Naast helden als James Rodriguez, Robin van Persie, Lionel Messi en de dit keer volledig ontketende Duitsers, zag ik schurken als Blatter en Rousseff, maar ook de lafjes zwijgende Seleção bestaande uit miljonairs die niet opkwamen voor de rechten van hun volk. Mijn WK-ervaring was een mengeling van genot en afkeer, ikzelf was half-supporter en half-criticaster. Bovenal was ik (aspirant-)sportjournalist. Ik wilde mijn werk goed doen en mensen laten zien wat er allemaal gebeurde, maar dat kon niet ten koste gaan van de sport. Die was belangrijker dan al het andere. En dus schreef ik niet alleen over wapenhandelaar Condor die miljoenen verdiende aan het WK, maar ook over mijn WK-boekwerk uit 2006, over waarom het met Nederland niks zou worden zonder Virgil van Dijk en hoe ik samen met mijn toenmalige vriendin voetbal keek.

Richting de finale werden de journalist en de activist toch langzaam weggedrukt door de supporter. Ik woonde nu pal boven de terrassen in hartje Gouda waar ik in 2010 gefeest en getreurd had, dus nu was ik daar nog vaker te vinden. Waar de winst op Mexico vanwege Robbens schwalbe nog een zure nasmaak bij me achterliet, was ik na Louis van Gaals psychologische oorlogsvoering tegen Costa Rica om: ook van dit Oranje kon ik genieten. Heel even leek het er zelfs op dat we met deze ploeg wél het ondenkbare zouden presteren, maar in de halve finale bleek een stug Argentinië na penalty’s te sterk.

Gelukkig had ik de dag ervoor al zoveel dopamine in m’n systeem gekregen dat ons verlies me niet eens zo veel deed. Die achtste juni was ik namelijk getuige van een wedstrijd die in 2002 nog een horrorscenario was geweest voor heel Nederland, maar nu tot gejuich in menig huiskamer leidde. De rollen waren volledig omgedraaid. Duitsland speelde het mooiste voetbal van het toernooi en de Brazilianen hadden eerder met afzichtelijk spel en een flinke dosis geluk Chili en publiekslieveling Colombia verslagen. Duitsland swingde en Brazilië groeide uit tot het nieuwe Duitsland. Of het nieuwe, oude Duitsland, of zo. De angst was aanwezig dat Luiz Felipe Scolari net als in 2002 Die Mannschaft zou verslaan, maar het liep net even anders. Zonder de geblesseerde sterspelers Neymar en Thiago Silva kreeg Brazilië met liefst 7-1 slaag voor eigen publiek. Het was een flintertje gerechtigheid voor alle doodgewone Brazilianen die door hun politici en voetballers zo in de steek waren gelaten. De Duitsers maakten het in stijl af door in de finale ook Messi en consorten kansloos te laten en eigenlijk gunde zo’n beetje heel de voetbalwereld hen de titel.

Voor mij was dit WK niet wat ik ervan gehoopt had. Als 2010 een zorgeloze huwelijksreis was met mijn geliefde, dan had 2014 onze thuiskomst moeten zijn en het begin van een prachtige toekomst samen. In plaats daarvan begon ik voor het eerst te zien dat ze een aantal wel heel nare trekjes had. Ook begon ik erachter te komen dat haar verleden niet bepaald smetteloos was. Was ik eigenlijk nog wel verliefd? Dat wist ik niet meer zeker, maar ik was nog niet bereid het op te geven. Wie weet hadden we nog een kans en kon die toekomst er alsnog komen! Pas in 2018 werd duidelijk dat dat ijdele hoop was…

References

References
1 Bakker, E. (2014, 9 april). Dit wordt het kutste WK ooit. [Artikel]. Geraadpleegd van Buitenkant Voet: https://www.buitenkantvoet.com/2014/04/09/dit-wordt-het-kutste-wk-ooit/