We gingen midgetfootgolfen (en footpoolen) en dat was heel leuk

Na het eerdere voetgolfen en footbowlen, bleek er nog een sport te zijn die ontdekt moest worden: midgetfootgolfen. Dus togen Enzio en ik met twee vrienden naar Nieuw-Vennep (of all places).

Van tevoren zit je toch te denken hoe dat midgetfootgolfen precies in zijn werk gaat. Je hebt een beeld bij ‘gewoon’ midgetgolf, maar zouden de banen bij de voetvariant groter zijn? We wisten dat het achttien holes zouden zijn, dus dan moest het minstens een fabriekshal zijn waar we terecht zouden komen. En wat voor publiek komt er eigenlijk op af?

Die zaterdagmiddag bleek het een tot indooractiviteitencentrum-met-sportkantinesfeer omgeturnd gebouw te zijn. Maar belangrijker: het gekrijs van basisschoolkinderen snerpte je tegemoet. Het voordeel daarvan is dat je na vijf minuten al zo doof bent geworden dat je dat niet meer hoort.

De eerste hole bleek bedrieglijk lastig voor sommigen. Je moest de bal rechtdoor in een piepklein goaltje zien te krijgen, maar als je nog niet warmgedraaid bent, heb je toch al snel aan afwijking naar links of rechts. Gelukkig kwamen we in de volgende holes, met heuvels, bochten en andere hindernissen redelijk op stoom, en vielen er een aantal hole-in-ones te noteren.

Ongeveer halverwege waren er twee holes die niet begonnen met de bal op een stip. In één hoek van de hal moest je hulp hebben van een medespeler. Hij of zij gooit de bal in de bak, die vervolgens door een buis rolt en uit de lucht valt. Jouw taak is het dan om op het juiste moment te koppen, zodat de bal door één van de gaten vliegt. De voormalig korfballer(!) in onze groep bleek dit als enige te kunnen.

Twee holes daarna waren er zelfs twee buizen geprepareerd om een bal jouw kant op te laten rollen. Maar dit keer moest je volleren in plaats van koppen. En dan was het doel ook nog eens op anderhalve meter hoogte gemonteerd, want het mag natuurlijk niet te makkelijk zijn. Dit lukte iedereen, behalve ondergetekende. Met het schaamrood op de kaken liep ik snel naar de volgende hole.

Na alle achttien holes gespeeld te hebben, en we de winnaar feliciteerden met zijn overwinning, besloten we de footpooltafel eens uit te proberen. Met meer geluk dan wijsheid worstelden we ons door drie potjes heen. Gevoelsmatig heb je meer controle over de bal dan bij het reguliere poolen, maar in de praktijk roep je toch vooral ‘Nee, k*t!’

Ondanks de kinderfeestjes om ons heen, hebben we ons een middag goed vermaakt. Zoals bij meer activiteiten kan je je eigen hoge verwachtingen nooit waarmaken, maar kan je ook weer heel hard lachen om het falen van je vrienden of familieleden. En voor mensen die een jeugdteam coachen kan het leuk en leerzaam zijn om zijn of haar team mee te nemen naar het midgetfootgolf én het footpoolen. Want beheersing en balgevoel is niet bij iedereen aangeboren, maar kan met deze twee spellen goed getraind worden.