Vrouwen Wiens Voeten Wij Kussen #4: Wendie Renard

In 1990 zag de wereld van het vrouwenvoetbal er nog heel anders uit. Er was nog geen enkele editie van de Gold Cup geweest, bijvoorbeeld. Sterker nog, de eerste officiële editie van het EK moest nog gespeeld worden, en hetzelfde gold voor het WK. Daarnaast duurde een wedstrijd van de vrouwen slechts tachtig minuten. Op Martinique werd dat jaar een meisje geboren dat later de voetbalwereld zou veroveren.

Helaas voor de Martinikanen draagt de inmiddels 28-jarige vrouw niet het shirt van het eiland, al zullen de inwoners absoluut gigantisch trots op haar zijn. Wendie Renard verdedigt namelijk sinds 2011 de kleuren van het Europese land waarvoor Martinique ‘slechts’ een overzees departement is: Frankrijk. Overigens speelde ze ook voor de vertegenwoordigende jeugdelftallen.

Kijkers van het WK zullen Renard ongetwijfeld kennen door de twee goals die ze maakte in het openingsduel van gastland Frankrijk tegen Zuid-Korea. Twee keer een hoge voorzet, twee keer een onberispelijke kopbal. Het verleidde NOS-presentator Sjoerd van Ramshorst tot de uitspraak dat Renard ‘de zus van Virgil van Dijk’ had kunnen zijn. Ook in de groepswedstrijd tegen Nigeria scoorde de verdediger, uit een penalty, en in de kwartfinale tegen de VS gaf ze Frankrijk nog een sprankje hoop met opnieuw een kopgoal.

Als je een artikel schrijft over een speler, vertel je meestal over de clubs die hij of zij heeft gehad. Maar bij Renard ben je dan snel klaar. Je zou de twee clubs kunnen noemen waar de Française in de jeugd heeft gespeeld. Dit zijn Essor-Préchotain en Rapid Club du Lorrain, twee Martinikaanse clubs. Op haar 16e ging Renard in Lyon wonen en tekende ze een contract bij de plaatselijke Olympique. Haar vader was acht jaar daarvoor al overleden en het ontbrak haar moeder aan financiële middelen om ook de oversteek te maken. Dus ging Wendie alleen.

Renard ondervond als geboren Martinikaanse al snel hoe racistisch witte Fransen konden zijn. Als lang, donker meisje vonden mensen haar maar vreemd. Spelers wilden of durfden niet tegen haar te spelen, omdat ze ‘te groot’ was. En haar accent was het mikpunt van spot. En dan is er nog het vooroordeel over donkere mensen dat ze nonchalant of zelfs lui zijn. In gesprek met ESPN zegt Renard te begrijpen dat ze ‘met haar lichaamstaal soms wat nonchalance kan uitstralen’. Het zorgde ervoor dat ze vaak harder moest werken dan anderen om hetzelfde te bereiken.

Inmiddels zijn we dertien jaar verder, en door haar enorme kwaliteiten en haar veelzijdigheid is ze de afgelopen jaren uitgegroeid tot een steunpilaar van het Franse nationale team én van Olympique Lyonnais.

Op het huidige WK viel Renard bij het grote publiek op door haar kiezelharde kopbal en haar lange gestalte (1.87m). Haar ongelofelijke goalgemiddelde, zeker voor een verdediger, onderstreept dit. Ze scoorde in 343 wedstrijden maar liefst 102 keer. Renard loopt dus bijna 1 op 3. Bij het Franse nationale team had ze één zeer productief seizoen met tien goals in twintig wedstrijden, in andere seizoenen pikt ze haar doelpunten in mindere mate ook mee.

Maar de Française is meer dan het clichématige ‘pace and power’. Ze heeft namelijk ook een enorm inzicht; ze onderschept steekpasses, zet slidings effectief in én op zo’n manier dat ze snel weer overeind staat. En ook aan de bal is Renard, zoals wij Nederlanders graag zien, zeer vaardig. Moeiteloos verplaatst ze het spel naar de linker- of rechterflank met een pass over tientallen meters. En als het moet, kan ze ook nog even de spits van de tegenpartij uitkappen.

Opgroeiend van meisje naar vrouw zette Wendie Renard telkens een grote stap. Eerst werd ze profvoetballer, daarna Frans international. En nu is er nog één droom over: Wereldkampioen worden met Frankrijk. Maar daar zal ze nog minstens vier jaar op moeten wachten.