De Buitengewone Selectie: de groepsfase

De groepsfase zit er alweer op, vanaf morgen gaat het om het echie. Wij blikken eerst nog één keer terug op hoe onze (anti-)helden het er tot nu toe van af brachten. Een aantal van hen zien we helaas niet meer terug, maar de meesten gelukkig wel.

Zo deden onze helden het tot nu toe.

Schermafbeelding 2016-06-07 om 20.57.00

N’Golo Kanté (Frankrijk)
Wat een man. Sinds de Teletubbies heeft de wereld niet meer zo’n onvermoeibare stofzuiger gezien. N’Golo Kanté raapt ieder afvallend balletje op, onderschept iedere te doorzichtige pass, gooit zich voor iedere poging tot schot en tackelt elke tegenstander die net drie seconden te lang de bal aan de voet houdt. Maar hij is niet alleen Makélélé, hij is ook een beetje Zidane met zijn passing en Henry met z’n snelle rushes. Kanté is het levende bewijs dat verdedigende middenvelders allang geen saaie anti-voetballers meer zijn.

Costel Pantilimon (Roemenië)
De bondscoach van Roemenië koos voor die andere keeper met die schitterende naam: Ciprian Tatarusanu. Die deed het helemaal niet onverdienstelijk, maar toch hadden wij af en toe die markante, eeuwig verbaasde kop van Costel willen zien nadat ie weer eens zonder dat ie het door had een inzet had gekeerd.

Taulant Xhaka (Albanië)
In het duel tussen de broeders Xhaka deed Taulant helemaal niet zo veel onder voor zijn talentvollere jongere broer Granit. De hele wedstrijd lang wilde je eigenlijk maar één ding: die twee samen op één middenveld zien. En dan wel het Albanische middenveld natuurlijk, want daar komen ze echt vandaan. Toch werd Taulant al vroeg in de tweede helft gewisseld en begon hij de wedstrijden daarna niet eens in de basis! Wij snappen er niets van.

Breel Embolo (Zwitserland)
Zwitserland strompelde door de groepsfase. Die strompeling werd nog het meest belichaamd door Haris Seferovic, de spits waarvan je bij iedere actie denkt: hij gaat toch niet scoren. Het was een kwestie van tijd voor de Zwitsers gingen spelen met Breel Embolo in de spits, de man waarvan je constant denkt: nú zou ie weleens kunnen gaan scoren. Dat is hem nog niet gelukt, maar het ruwe talent is bij iedere actie zichtbaar. Als hij dat talent op tijd om kan zetten naar goals, is er nog hoop voor Zwitserland dit toernooi.

Schermafbeelding 2016-06-07 om 21.08.32

Danny Rose (Engeland)
Danny Rose was Danny Rose in de groepsfase: gewoon zonder dat je het doorhebt één van de beste linksbacks van Europa. Je vergeet na de wedstrijd altijd wie er bij Engeland ook alweer linksback stond, maar dat betekent dat Rose in ieder geval weer niets fout gedaan heeft. En dat is precies wat Rose moet doen van Roy Hodgson: niets fout.

Fyodor Smolov (Rusland)
Fyodor Smolov was als voetballer totaal veranderd sinds zijn Feyenoord-tijd, bleef iedereen ons maar vertellen. Zijn indrukwekkende doelcijfers in de Russische competitie ondersteunden dat beeld, maar tijdens dit EK leek Smolov alleen nog maar machtelozer geworden sinds de dagen dat hij de backs van NAC Breda niet voorbij kwam. Ja, hij heeft wat coole tattoo’s en ja hij kan hard rennen, maar zijn prestaties op dit EK sloegen zoals die van heel zijn elftal, nergens op.

Joe Allen (Wales)
Gareth Bale krijgt – terecht – alle aandacht voor diens geweldige wedstrijden in het shirt van Wales, maar ook Joe Allen draagt een flinke steen bij. Wales voetbalt dan wel in het ‘Alle ballen op Bale’-systeem, zonder Allen en Aaron Ramsey zouden die ballen nooit bij Bale aankomen. En trouwens, De Pirlo van Wales had de vrije trappen die Bale scoorde er natuurlijk ook best in kunnen schieten.

Vladimir Weiss (Slowakije)
Een belangrijke schakel in het verrassend sterke Slowaakse elftal. Hij mist de brille van Marek Hamsik, het lepe van Ondrej Duda en het onverzettelijke van Juraj Kucka, maar Weiss’ totale onvoorspelbaarheid is een goede aanvulling op de kwaliteiten van zijn ploeggenoten. Soms is de kleine Vladimir echter ook nogal onvoorspelbaar voor zichzelf, omdat hij nu eenmaal altijd pas gaat nadenken nadat hij al aan een actie begonnen is, maar dat is de charme van een alles of niets-voetballer. En Vladimir Weiss is misschien wel de ultieme alles of niets-voetballer van dit EK.

Schermafbeelding 2016-06-07 om 21.09.20

Andriy Yarmolenko (Oekraïne)
Oekraïne had meer verdiend dit EK. Tegen Duitsland hadden ze best een gelijkspel uit het vuur kunnen slepen en tegen Polen speelden ze ook gewoon goed. Alleen die ene pot tegen Noord-Ierland was onder de maat. Hoe dan ook, tijdens iedere seconde dat Oekraïne voetbalde dit toernooi was één ding altijd duidelijk: Andriy Yarmolenko is met afstand de beste speler die ze hebben. Wat een heerlijke vleugelspeler, die hopelijk snel naar een Europese top verkast.

Grzegorz Krychowiak (Polen)
Wat een fantastische voetballer. De pure nonchalance waarmee deze Grzegorz Krychowiak over het veld flaneert doet soms zelfs eventjes denken aan Andrea Pirlo himself. Krychowiak is zó goed en is daar zelf zó van overtuigd, dat hij zonder enkele twijfel het Poolse middenveld dirigeert. Met heerlijke passes en soms splijtende dribbels, maar ook met de pure klasse die als een soort aura om hem heen hangt. En als het eens een keer nodig is, omdat een tegenstander voor één keer aan zijn aandacht was ontsnapt, durft de man van Sevilla ook volledig Gennaro Gattuso te gaan op diens enkels.

Kyle Lafferty (Noord-Ierland)
Na één wedstrijd al geslachtofferd als diepe spits van Noord-Ierland, en niet eens voor Will Grigg. Maar niemand heeft het meer over Kyle Lafferty, want Noord-Ierland heeft de groepsfase overleefd. Toch zou tegen Wales de grote en sterke Lafferty weleens van pas kunnen komen.

Schermafbeelding 2016-06-07 om 21.09.56

Aritz Aduriz (Spanje)
Als Andrés Iniesta een virtuoze Michelangelo is die iedere wedstrijd zorgvuldig een David beeldhouwt, is Aritz Aduriz een lompe bouwvakker die wat stenen tegen elkaar smijt. Maar met tien kunstenaars, kan één sloper soms broodnodig zijn. Voorlopig overklast Spanje met de natuurlijk veel talentvollere Álvaro Morata in de spits elke oppositie, maar als het in de volgende rondes lastiger wordt zou die ouwe Aritz weleens de redder in nood voor La Roja kunnen blijken.

Tomas Rosicky (Tsjechië)
Was Tomas Rosicky en dus awesome.

Daniel Subasic (Kroatië)
Stopte een penalty tegen Spanje, waarna Ivan Perisic uiteindelijk de Kroaten naar winst in Groep D kon schieten. Nu heeft Kroatië een heel goede kans de finale te bereiken, ze zitten aan de makkelijke kant van het schema, maar dan moet Subasic zijn doel zo veel mogelijk schoon houden. En hoewel wij fan van hem zijn, lijkt de doelman van AS Monaco af en toe toch één van de weinige zwakke plekken in het Kroatische elftal.

Hakan Calhanoglu (Turkije)
Deed drie keer negentig minuten lang een Turkse uitvoering van Waar is Wally? Want waar was Hakan nou toch? Wij hebben hem amper gezien. Natuurlijk zat Turkije in een (te) moeilijke poule en natuurlijk komt Calhanoglu op rechtsbuiten niet echt geweldig tot zijn recht, maar toch had hij best iets kunnen laten zien, toch?!

Schermafbeelding 2016-06-07 om 21.10.22

Jordan Lukaku (België)
Is voorlopig nog steeds wat hij voorafgaand aan dit toernooi ook was, het broertje van Romelu Lukaku. Pas als hij speeltijd gaat krijgen zou hij eindelijk uit kunnen groeien tot iemand wiens eigen naam ook iets betekent, maar voorlopig dreigt het Thorgan Hazard-scenario (Thorgan? Huh? Ja, dat is het broertje van Eden Hazard). Toch pleiten wij voor een basisplaats voor Jordan, als linksback, zodat Jan Vertonghen centraal het gouden Ajax-en-nu-Tottenham-duo met Toby Alderweireld kan vormen.

Angelo Ogbonna (Italië)
Antonio Conte kijkt tot nu toe iedere wedstrijd tevreden toe hoe het machtige triumviraat Barzagli-Bonucci-Chiellini alle vijandige aanvallers wegjaagt uit het Italiaanse strafschopgebied. Maar hoe fijn moet het voor Conte zijn om te weten dat áls één van die drie ooit geblesseerd raakt of geschorst wordt, hij nog gewoon Angelo Ogbonna achter de hand heeft? Tijdens het Fratelli d’Italia luistert Conte altijd speciaal even naar Ogbonna: zingt ie nog net zo hard mee als de vorige keer? Zo ja, dan weet Conte dat Angelo er klaar voor is.

Jonathan Walters (Ierland)
Jonathan Walters, de vleugelspeler die in niets doet denken aan een vleugelspeler, is vooral een joker bij de Ieren. Als hij geen voetballer was geweest, was Walters één van die gezellige Ierse supporters geweest, dat zie je meteen, en dus zal hij alleen al voor de sfeer in de kleedkamer van goudwaarde zijn.

Ludwig Augustinsson (Zweden)
Erik Hamrén besloot dat hij Ludwig Augustinsson wel op de bank kon laten dit EK. Dan vlieg je er dus in de groepsfase uit.

Schermafbeelding 2016-06-07 om 21.11.04

Renato Sanches (Portugal)
Zijn invalbeurt tegen IJsland was zo veelbelovend dat we eigenlijk verwacht hadden deze alleskunner daarna in de basis te zien starten tegen Oostenrijk, maar nee. Wel viel hij in, net als tegen Hongarije, maar toen ging niet alles even goed. Renato Sanches legt zo veel risico in zijn spel dat er soms het één en ander misgaat. Toch zie je een pure klasse die ontzettend zeldzaam is, en die deze jongen héél erg ver gaat brengen. Alleen misschien nog niet op dit EK.

Marcel Sabitzer (Oostenrijk)
Dat Oostenrijk zelfs van het nietige Nederland verloor in de voorbereiding was een voorteken. Vooraf hadden veel mensen wel wat leuks van ze verwacht, maar de Alpenbewoners zorgden misschien wel voor de meest teleurstellende prestatie van dit EK. Marcel Sabitzer wist zich niet te onttrekken aan de totale matigheid van zijn land, niets dat hij deed rechtvaardigde zijn plek in deze Buitengewone Selectie.

Balazs Dzsudzsák (Hongarije)
Waar had Balazs Dzsudzsák kunnen eindigen als hij na PSV niet voor het geld had gekozen? Op dit EK is hij de grote man van de knotsgekke Hongaren, die met de 3-3 tegen Portugal voor tot nu toe de spectaculairste wedstrijd van het toernooi zorgden. Dzsudzsák schoot twee keer op doel en het was beide keren raak. Hongarije is een team volledig bestaande uit culthelden, doelman Gabor Király voorop, maar Balazs is de vreemdste voetballer van allemaal. Niemand weet wat hij allemaal nog voor ons in petto heeft dit EK.

Eidur Gudjohnsen (IJsland)
De oude krijger laat zijn jongere ploeggenoten tegenwoordig de meeste strijd voeren, maar alleen al uit de aanwezigheid van levende legende Eidur Gudjohnsen moeten zijn landgenoten moed putten. Als een reus torent hij uit boven zelfs sterspeler Gylfi Sigurdsson, want Gudjohnsen hield ooit hoog met Ronaldo, deed één-tweetjes met Gianfranco Zola en oefende zijn Joga Bonito met Ronaldinho. Laten we hopen dat ie er over twee jaar op het WK weer bij is.