Bietensap: het toverdrankje van Leicester City?

Afgelopen weekend werd het seizoen van de Premier League afgesloten. De spelers van Chelsea vormden een erehaag voor kampioen Leicester City. Nog steeds wordt er gezocht naar een verklaring van het succes van The Foxes. Eén ervan gaat over een bijzondere toverdrank. Jurgen van Teeffelen bespreekt deze bijzondere theorie.

De grijze druïde Ranieri roert rustig de grote houten pollepel rond in de immense zwarte ketel die voor hem op het vuurtje staat. Hij prevelt onverstaanbare Italiaanse spreuken. Rond de ketel hebben zich een aantal jonge mannen in een blauw sportshirt verzameld. Ze hebben namen als Jamie, Danny, Wes en Robert. De jonge mannen kijken in de ketel. Ze voelen de warme damp in hun gezicht. In de ketel is een donkerpaarse stevige substantie aan het pruttelen. “Lekkere Italiaanse rode wijn, coach?”, vraagt één van de mannen grinnikend. “Shut up, Danny”, zegt een ander. “Hou jij het maar lekker bij drinkwater.” Ranieri roert intussen rustig verder. Hij mompelt: “Geen wijn… maar een hele mooie Italiaanse toverdrank.”

Nu het kampioenschap van Leicester City in de Premier League een voldongen feit is, buitelen alle voetbalkenners over elkaar heen om het sprookje van the Foxes te kunnen duiden. Koren op de molen voor de media, de Engelse voorop. Kranten en het internet staan bol met mogelijke verklaringen voor het succes van het Kleine Duimpje dat met zijn zevenmijlslaarzen alle Engelse miljoenenclubs een schop onder de kont gaf. Eén ervan betreft het geheimzinnige donkerrode drankje waardoor de selectie van Leicester City zo fit en ongeschonden het slopende voetbalseizoen door gekomen is. Italiaanse rode wijn? Nee…bietensap.

Bietensap is geen echte nieuwkomer in de sportwereld. Het donkerrode goedje staat inmiddels al zo’n tien jaar in the picture en vooral tijdens de Olympische Spelen in Londen in 2012 stond het op het menu van veel atleten. Het zijn niet zozeer de vitaminen of het ijzer in de biet die de sportprestatie omhoog stuwen; nitraat is het bestanddeel van de biet waar magische krachten aan toegeschreven worden. In 2007 publiceerden Zweedse wetenschappers namelijk gunstige effecten van nitraat op de sportprestatie. Ze lieten een klein groepje van negen jonge mannen fietsen op een hometrainer en gaven ze een sapkuurtje van drie dagen. De ene keer zat er nitraat in het drankje, de andere keer was het water maar dan wel met dezelfde smaak, kleur en geur als het nitraatsapje. Tot hun eigen verbazing zagen de onderzoekers dat de negen mannen minder zuurstof hoefden te gebruiken tijdens hun fietssessie als ze het echte nitraatsapje hadden gedronken. Ze leken door het nitraat efficiënter met hun energie om te gaan.

Sindsdien is nitraat hot en met name de groenten die een flinke hoeveelheid ervan bevatten. Dat zijn rucola en spinazie maar vooral rode bieten en dus ook het sap ervan. Gezien het aantal verhalen op internet over wielrenners met een felroze plas en lopers die kokhalzend hun paarse maaginhoud naar buiten werken na een race, zijn het vooral duursporters die van de bieten wel pap lusten. Het nitraat is trouwens niet de echte stof waar het om draait maar meer het verpakkingsmiddel. Bacteriën in het speeksel zetten in de mond nitraat om in nitriet, waar vervolgens in het lichaam het gas stikstofmonoxide van wordt gemaakt. Sommige tandpasta’s of kauwgum hebben een vernietigende werking op deze bacteriën, zodat nitraat niet wordt omgezet. Kom je een sporter tegen met paarse tanden en een slechte adem, dan heeft hij hoogstwaarschijnlijk van de bieten gesnoept!

Aan stikstofmonoxide worden gunstige effecten toegeschreven. Een hoge concentratie van het gas zorgt er in het lichaam voor dat bloedvaten verwijden en er meer bloed én dus zuurstof in de spieren terecht komt. Daarnaast zorgt het voor een efficiëntere werking van de mitochondriën –de energiecentrales in de cel- in de spieren en remt het ontstekingen. Niet voor niets dat in 1998 het Nobelprijs comité zijn prestigieuze wetenschappelijke prijs aan de drie ontdekkers van stikstofmonoxide in het lichaam overhandigden.

Na de Zweedse studie in 2007 stond ook de wetenschap niet stil. Met name de Engelse onderzoeker Andrew Jones, twitterend met de veelzeggende naam @AndyBeetroot, zat niet stil. Sinds 2009 zijn 34 wetenschappelijke artikelen van zijn hand te vinden op Pubmed, de online bieb van al het biomedisch onderzoek wereldwijd. Hij gaf bietensap aan een groepje recreanten op de fiets en ze deden ietsjes korter over een tijdrit van 16.1 km (26.9 minuten gemiddeld vergeleken met 27.7 minuten zonder bietensap). So far so good dus. Maar toen Jones eenzelfde experiment deed in goed getrainde wielrenners zag hij geen enkel effect van het paarse drankje.

En zo ging het vaker met de testen van bietensap in wetenschapsland. Waar het drankje in subtoppers nog het prestatievermogen met een paar procenten deed stijgen, is het wetenschappelijk bewijs dat bietensap de prestatie van topsporters verbetert nihil. In de kennisbank van TopsportTopics zijn 19 beknopte beschrijvingen te vinden van wetenschappelijke studies die gedaan zijn. De koppen zijn veelzeggend: “Bietensap niet effectief voor herhaalde sprintprestatie”, “Bietensap verbetert prestatie van goed getrainde lopers op de 1500 meter niet”, “Topatleet kan bietensap laten staan”, etc. etc.

Topvoetballers lijken geen enkele baat te hebben bij het drinken van bietensap. Het is daarom zeker niet het toverdrankje dat het sprookje van Leicester City zo’n mooi einde geeft. Sterker nog, schaden doet het paarse goedje misschien wel, waarschuwde toxicoloog Theo de Kok een paar jaar geleden in de Volkskrant. In combinatie met vis of rood vlees kan een overmaat aan nitraat in het maag-darmkanaal namelijk reageren tot kankerverwekkende nitrosamines. “Wie veel bietensap drinkt ‘speelt Russische roulette’ met gezondheid”, luidde zelfs de kop van dat artikel. Nu maar hopen dat ze dit in Leicester ook weten.

Dan eindelijk is het zover. De druïde Ranieri pakt een groot glas en doopt deze in de donkerrode substantie. Hij haalt het glas boven en zet het aan zijn lippen. De paarse mousse druipt op zijn witte gewaad maar dat lijkt hem niks te deren. Hij neemt een grote slok…maar spuugt de paarse inhoud direct weer uit.”Arrgh, verrrie dirrrtie”, roept hij. “Forrrget this shit and let’s drrrink some nice Italian rrred wine.” Zijn uitnodiging wordt met luid gejuich ontvangen door de jonge mannen die om hem heen staan.  

Dit artikel is geschreven door Jurgen van Teeffelen