‘Cristiano, maak van je werk je hobby’

Cristiano Ronaldo blijft fascinerend om naar te kijken, vooral om zijn onmeetbare drang naar succes. Maar voetbal is een teamsport, en bovenal ook gewoon heel erg leuk. Dus Kevin wil onze Portugese vriend vragen of er af en toe een lachje vanaf kan.

Cristiano Ronaldo was zichtbaar not amused met het feit dat niet hij, maar Álvaro Arbeloa de onbeduidende 3-0 binnentikte in de wedstrijd tegen Almería. In plaats van zijn parelwitte tanden te ontbloten en zijn ploeggenoot te feliciteren met diens eerste doelpunt sinds weet-ik-veel-wanneer, schoot de Portugese superster de bal uit frustratie keihard terug in het net, om vervolgens mokkend en hoofdschuddend terug te lopen naar zijn eigen helft.

Het is een bijverschijnsel van zijn onbegrensde gedrevenheid. Of het nou de winnende goal is in de Champions League-finale, of een doelpunt voor de statistieken in een woensdagavondwedstrijdje tegen Almería: Ronaldo móet en zal scoren. Hij heeft er al 39 gemaakt? Dan wil hij er 40. En als hij er 40 heeft wil hij er 41. Ronaldo’s ontembare winnaarsmentaliteit, zijn wil om zichzelf overal en altijd te overtreffen; het is de reden waarom hij zo goed is als hij is.

Tegelijkertijd is het de reden dat wij, als voetballiefhebbers, bij tijd en wijle zitten te kijken naar een dertigjarige baby.

Ik heb grenzeloos respect voor Cristiano Ronaldo. Ik bewonder zijn drive, ik bewonder de verhouding tussen zijn spier- en vetmassa en ik bewonder elke seconde die hij in Irina Shaykhlislamova heeft doorgebracht. Maar bovendien: ik vind het fantastisch wat hij allemaal met een bal kan. Toch zie ik Real Madrid liever zonder dan mét Ronaldo – en ik ben niet de enige. Eén van de beste voetballers ter wereld, maar er zijn net zoveel mensen die hem adoreren als die hem verafschuwen.

Ik vind het moeilijk om van Ronaldo te genieten, en ik vind het soms ook gewoon niet leuk om hem te zien spelen. Omdat-ie negentig minuten lang rondloopt met een verongelijkte kop waar nog net de tranen niet uitbarsten. Omdat-ie een half uur met zijn armen staat te zwaaien als Gareth Bale een keer voor eigen succes gaat. Omdat-ie van elke vrije trap een ellenlang ritueel in een spreidstand maakt, alsof je naar YouPorn zit te kijken.

Het zijn de gretigheid en de ijdelheid die Ronaldo kenmerken, en dat is ook allemaal prima. Maar waarom kan daar nou geen sausje met spelvreugde overheen?

Kijk naar Neymar, Lionel Messi en Luís Suárez. Die gunnen elkaar alles. Die vliegen elkaar na elk doelpunt schaterlachend in de armen. Met die blijdschap voeden zij ook de voetballiefhebber; hun doelpunten zijn een feestje van iedereen. Ronaldo’s doelpunten zijn Ronaldo’s feestje.

Het neemt allemaal niet weg dat we gewoon naar Cristiano Ronaldo zullen blijven kijken zolang hij actief is als profvoetballer. We zullen zijn doelpuntenproductie, zijn atletisch vermogen én zijn ongeëvenaarde mentale focus blijven bewonderen. Terecht ook.

Maar wat zou het mooi zijn als zijn sportbeleving wat vaker uitstraalt dat hij het naar zijn zin heeft. Dat-ie plezier heeft. Dat-ie blij is.

Ook als Arbeloa scoort.