De toekomst van de voetbaljournalistiek – volgens bloggers

De afgelopen maanden hebben wij enkele prominenten in de Nederlandse voetbalbloggersscene geïnterviewd. Nu is het tijd om de balans op te maken. Wat is de toekomst van de Nederlandse voetbaljournalistiek? Wat is de invloed van blogs? En welk gat vullen zij op?

Toen wij met Buitenkant Voet begonnen wilden we iets nieuws toevoegen aan het aanbod van voetbalschrijfsels. Het kon allemaal wel wat origineler, vonden wij, dus voegden we de daad bij het woord en begonnen met schrijven. Al snel kwamen we erachter dat we niet de enige waren. Er bestonden al heel wat goede blogs als Catenaccio en Voetblah, en sinds we bezig zijn werd het aanbod alleen maar groter.

En het zijn niet alleen blogs die blijven opduiken, ook ambachtelijke tijdschriften worden nog steeds met veel liefde uit de grond gestampt. Aan het andere eind van het spectrum zijn, in de frontlinie van de digitale vernieuwing, zijn er Twitteraccounts en online talkshows die voetbalnieuws en achtergronden brengen op een manier die tien jaar geleden nog voor onmogelijk werd gehouden. Er waait een nieuwe wind in de voetbaljournalistiek, maar waar komt die wind vandaan? En, belangrijker, waar waait die wind naartoe?

Tijd voor vernieuwing

Het oudste nog lopende voetbalblog, Voetblah, begon in 2008 en al gauw volgde Catenaccio. In die tijd begon het eindelijk mogelijk te worden om de grote voetbalmedia online uit te dagen. Pieter Zwart, hoofdredacteur van Catenaccio: “De Nederlandse voetbaljournalistiek kon wel wat opfrissing gebruiken. Enerzijds had je de copy-paste-websites, die letterlijk stukjes overschreven van persbureaus en andere media. Anderzijds zag je dat de traditionele voetbalmedia weinig ruimte namen voor beschouwing en analyse. Het waren soms meer fans op de tribunes die als het fout ging niet verder kwamen dan de drie typische voetbaloplossingen. Eén: trainer ontslaan. Twee: nieuwe spelers kopen. Drie: de spelers doen hun best niet.”

De blogs brachten daar verandering in, zegt ook Neal Petersen, presentator van Afkicken TV: “Het is mooi dat partijen als Catenaccio zijn ontstaan. Geboren uit passie en met de nodige kennis aanwezig laten ze zien hoe zaken in elkaar steken. En geven daarmee vaak andere, luie journalisten die zomaar iets roepen (on)bewust een wake-up call.” Blogs hebben, aangezien ze niet tot de gevestigde orde behoren, een voordeel. “Die hele grote media moeten zich natuurlijk binnen bepaalde grenzen begeven, als je een blog hebt mag je je mening spuien”, zegt Tom Bodde, hoofdredacteur van Panenka Magazine.

Hoger niveau

De opkomst van de blogs heeft bij de grotere voetbalmedia, die sowieso al samen met de hele journalistiek in zwaar weer zitten, het besef gebracht dat zij niet onsterfelijk zijn. AD Sportwereld zette met Sjoerd Mossou een voorvechter van de Against Modern Football-beweging prominent neer, Voetbal International experimenteert met online verdienmodellen, online grootheid Frank Heinen krijgt zijn minutes of fame op tv bij Studio Voetbal. “Ik denk dat de voetbaljournalistiek een stuk rijker is geworden de afgelopen tijd, ook door dingen als Panenka en Staantribune”, aldus Teun Meurs, hoofdredacteur van Voetblah. “Er zijn veel blogs, van een goede kwaliteit. Ik lees ook elke keer weer nieuwe dingen. Ook Voetbal International vind ik de afgelopen jaren een stuk completer geworden, met VI Premium en de achtergrondverhalen met Michel van Egmond.”

Zwart: “Ik ben mening dat de kwaliteit van de Nederlandse voetbaljournalistiek in het algemeen verbeterd is, met de onthullingen op het gebied van matchfixing van De Volkskrant als lichtend voorbeeld. Maar als ik een goed inhoudelijk verhaal wil lezen over de problemen bij een bepaalde club, dan kijk ik op buitenlandse sites die met hobbyisten geweldig werk verrichten en niet in De Telegraaf.”

Er is dan ook zeker nog veel ruimte voor nieuwe initiatieven, vindt ook Tussen de Linies-hoofdredacteur Remon Hendriksen. “Hoe meer blogs, hoe meer keuze en hoe meer artikelen je kunt aanspreken. Magazines komen en gaan ook de laatste jaren. Als magazine kun je je vooral onderscheiden door je te richten op een specifieke doelgroep, denk ik. Een webshop als FootballCulture is een mooi voorbeeld van wat je kunt bereiken als je genoeg effort in je producten steekt en je jezelf onderscheidt ten opzichte van de grote massa.”

Niche

De kracht van dit soort nieuwe initiatieven is dat ze een niche kunnen bedienen, terwijl de grote media algemeen moeten blijven. Zo kan het dus ook dat er nog steeds nieuwe tijdschriften opgericht worden, die goed gelezen worden. “Toen ik zelf begon met schrijven had ik een kleine niche en langzamerhand krijgen we echt een plek in de voetbaljournalistiek. Het tijdschrift Staantribune komt er binnenkort bij en eigenlijk is er ruimte genoeg op onze markt voor nog zo’n soort blad. Die hele cult staat nog in de kinderschoenen”, zegt Bodde.

“Het voetbalpubliek vervreemdt steeds meer van de sport, door de praktijken van de FIFA, door de Champions League, door buitenlandse eigenaren die allerlei rare dingen doen”, zegt Meurs. “Het sentiment gaat daardoor bij veel mensen meer naar het spel, de romantiek en het fenomeen voetbal. Daar zie ik wel mogelijkheden voor voetbalblogs, hoewel ik al die ontwikkelingen die ik net noemde natuurlijk niet zie als iets positiefs.”

Ook op het gebied van statistieken valt er nog veel winst te boeken, meent Hendriksen: “Met Tussen de linies proberen wij een aanvulling te geven op de huidige voetbaljournalistiek. We willen geen standaard nieuwsartikelen schrijven, maar ons echt richten op artikelen op basis van gedegen onderzoek en zo kwaliteit kunnen leveren. We willen zeker niet vervangend, maar echt aanvullend zijn. Een van onze belangrijkste speerpunten is het gebruik van statistieken. In Nederland wordt dit nog niet veel toegepast in de journalistiek en ik hoop dat wij hier een steentje aan bij kunnen dragen.”

Toekomst

Wat de opkomst van de ‘nieuwe voetbaljournalistiek’ op de lange termijn voor invloed gaat hebben is nog onzeker. “Je ziet in de gehele journalistiek de trend dat papieren media steeds meer aan belang verliezen”, zegt Zwart. “De internetgeneratie is gewend dat alles gratis en per direct beschikbaar is. Daardoor nemen de inkomsten van kranten en tijdschriften af, dus mijn verwachting is dat we over tien jaar minder papieren media hebben en dat de papieren media die er zijn door geldgebrek van minder kwaliteit zijn. De sleutel ligt wat dat betreft op het internet, maar het ideale verdienmodel is daar nog niet gevonden. Toch tonen sites als Blendle en De Correspondent aan dat mensen wél willen betalen voor kwaliteit, dus dat biedt hoop.”

Bodde: “Je ziet ook in de algemene journalistiek al wel een verschuiving, Sjoerd Mossou en Menno Pot duiken ook wel een beetje de hoek in van de voetbalromantiek. Als onze stroming groter wordt zullen journalisten er steeds meer over schrijven. Verder zal het voetbal blijven doorgroeien zoals nu gebeurt en zal de journalistiek meegroeien.”

“Ik denk dat er ook heel veel regionale focus zal zijn, kranten zullen veel minder worden gelezen”, verwacht Meurs. “Elke regio heeft wel een voetbalsite, die zullen heel erg gaan groeien. Voetbal International zal echt wel blijven, ook het blad. Verder hoop ik dat er een kwaliteitsblad bij komt, zoals Staantribune haha, of een soort middenweg tussen dat en Hard Gras. Dat kan ook digitaal, maar dan wel betaald en met mooie foto’s en vormgeving. Mijn hoop is dat daar een publiek voor zal groeien. Verder zullen er oneindig veel blogs zijn die zichzelf profileren op social media, hoewel Facebook dan hopelijk niet meer bestaat. Schrijf dat maar op.”

Foto bovenaan: imgur.com