Ron Jans, de liefhebber onder de trainers

Op zondag 3 mei staat de bekerfinale tussen PEC Zwolle en FC Groningen op het programma. Voor één man is dit de droomfinale. Ron Jans was jarenlang trainer van de Groningers en is nu in Zwolle de trainer die voor het tweede jaar achter elkaar Nederland verrast met leuk voetbal en goede prestaties. 

Dit artikel zou bijna bij de rubriek Mannen Wiens Voeten Wij Kussen kunnen passen. Bijna, want die rubriek gaat over voetballers. Een bepaalde groep voetballers, die iets doen wat anderen niet doen. Spelers, die schitteren in normaal doen, of opvallen omdat ze voetballen zoals zij zelf willen voetballen. Voetballers die over het veld lijken te dansen, in plaats van achter hun man aan te blijven lopen. Voetballers die de bal niet schieten, maar strelen. Of voetballers die tijdens de aanloop van een penalty iets anders verzinnen dan een knal, een schuiver of een Panenka.

De rubriek Mannen Wiens Voeten Wij Kussen gaat over prachtige voetballers, maar Ron Jans is geen voetballer. Hij is trainer van PEC Zwolle. Ron heeft wel in een kort broekje op het veld gestaan, maar hij stopte al met voetballen toen ik net werd geboren. Van de speler Jans kan ik niks herinneren, en een korte zoektocht op Youtube leverde ook geen jonge Ron Jans op die tegenstanders door de benen speelt. Wat voor type voetballer hij was weet ik niet, ik ken hem alleen als trainer.

Sommige trainers zijn heel goede voetballers die na hun carrière en een jaartje in de schaduw toch maar weer elke dag op de club komen, omdat ze het niet kunnen laten. Je hebt ook trainers die als voetballer minder goed waren, maar tijdens hun loopbaan al bezig waren met een sportopleiding (CIOS, of ALO). En je hebt een trainer die voordat hij trainer werd, eerst leraar Duits was. Dit is Ron Jans, te herkennen aan een ondeugende glimlach. Als hij praat is dat vaak met veel enthousiasme. Hij geniet van het spelletje, en hij geniet van het sprookje waarin hij zich nu bevindt.

Ron Jans zou hebben gekeken toen Louis van Gaal de Duitse pers te woord stond, en hebben gelachen. Net als Van Gaal zou hebben gelachen over het aantal keren dat Jans kampioen is geworden. Ron Jans is geen toptrainer, hij is een vriendelijke trainer. Als hij zich ergens over opwindt ziet dat er onhandig uit. Het opsteken van een middelvinger verandert bij Jans in een aandoenlijk gebaar. Hij is geen Simeone die negentig minuten lang langs de kant vol passie en agressie zijn spelers motiveert, maar een trainer die halverwege de tweede helft stiekem hoopt dat hij nog even mag invallen. Nog een kwartiertje mag meevoetballen.

Jans is geen Mourinho die tijdens de persconferenties de scheidsrechter bekritiseert, maar zit tijdens de vragen van de journalisten al op het puntje van zijn stoel te wachten tot hij ergens een grapje kan maken. Als na de wedstrijd de journalisten zich verzamelen voor een analyse van de wedstrijd, zit Ron Jans erbij alsof er achter in de zaal een leuke dame zijn aandacht trekt.

Ron Jans leek de rest van zijn leven trainer te worden bij FC Groningen. Hij had mindere periodes in Heerenveen en Luik en beleeft nu zijn droom in Zwolle. Bij PEC werd Jans weer het kind dat lekker zonder jas naar buiten mag, dat bij de Ikea in Småland blijft, terwijl zijn ouders door de winkel lopen. Jans is de ideale trainer in de provincie. Soms win je, soms verlies je, en soms win je zo vaak dat je steeds moet uitleggen hoe het komt dat PEC zo hoog staat.

Op 3 mei staat Zwolle voor het tweede seizoen op rij in de bekerfinale, en Ron zal zich daar in de kleedkamer in de Kuip weer trainer én leraar voelen. Vlak voor de finale, voor het examen, zal hij thuis weer een leuke les mogen voorbereiden. De week voordat heel Groningen en Zwolle met bussen naar Rotterdam vertrekken, zit Jans thuis in zijn woonkamer filmpjes uit te zoeken. Hij kiest de muziek, en met veel plezier verzint hij vragen voor een quizje. De spelers hoeven niet alle naamvallen te weten, maar na de wedstrijdbespreking doen ze nog even petje op, petje af.

De spelers van PEC behandelt hij net als de derdejaars scholieren van een middelbare school. Af en toe stuur Jans er eentje van het veld, de gang op. Daarna steekt hij weer naar iemand een duim op. En na de wedstrijd zet hij op het schoolbord met de opstelling achter elke naam een krulletje of een rood kruisje.

Ron Jans blijft voor eeuwig de student die na school, onderweg naar huis, een platenzaak inloopt en zijn vingers langs alle platenhoezen laat gaan. Met platen onder zijn arm komt hij de winkel uit en verheugt zich op wat komen gaat. Ron Jans is een man die thuis op de bank naar muziek luistert en in het weekend in de dug-out voetbal kijkt. Je hoeft geen verstand van voetbal te hebben om te zien dat Ron er van geniet. Van de sfeer in het stadion, zijn spelers die altijd mooi voetbal proberen te spelen, en van af en toe een nederlaag en iets vaker een overwinning.

Jans is verliefd.

Foto bovenaan: nu.nl