De meest Nederlandse club ter wereld: Olympique Lyon

In Nederland zijn we – terecht – trots op ons vermogen om sterke elftallen zelf op te leiden. Wij smijten niet met miljoenen, maar incasseren die alleen voor alle sterren die we voortbrengen. In Frankrijk is er nu een club opgestaan die dat kunstje nog beter beheerst dan wij: Olympique Lyon.

“Het is een trotse club met een sterke filosofie. De club groeit constant en ik voel me vereerd dat ik daar deel van uit mag maken”, niets dan lof van Bafetimbi Gomis voor zijn nieuwe club Swansea City. Het is juni 2014 en de handtekening van de Franse spits is nog aan het opdrogen op het contract dat nog warm is omdat het zojuist uit de printer kwam rollen. De dan 28-jarige, fysiek sterke aanvaller komt in Wales concurreren met Wilfried Bony, die ongetwijfeld snel zijn lof zal uitspreken en zijn handtekening zal zetten bij een andere club met een sterke filosofie.

Hoewel de woorden van de 12-voudig Frans international aan het adres van Swansea City gericht zijn, zijn ze nog toepasselijker voor Gomis’ oude club: Olympique Lyon. De Fransen, die vorig seizoen nog teleurstellend vijfde werden in de Ligue 1, hebben altijd hun trots behouden, hebben een sterke filosofie ontwikkeld en groeien constant. Het enige verschil met Swansea is dat Bafetimbi Gomis er geen deel meer van uit mag maken. Hij was, in 2009 voor 13 miljoen gekocht van AS Saint-Etienne, namelijk de laatste dure kracht die president Jean-Michel Aulas de deur uit gewerkt heeft.

De filosofie van Lyon is nu gebaseerd op het zelf opleiden van talent. Van de 29 selectiespelers komen er liefst 20 (!) uit de eigen jeugdopleiding. Sterspelers Maxime Gonalons, Alexandre Lacazette en Clément Grenier zijn allemaal zelf opgeleid, terwijl de aanstormende talenten Samuel Umtiti, Nabil Fékir, Corentin Tolisso en Clinton N’Jie door heel Europa begeerd worden. Met dat jonge elftal staat coach Hubert Fournier tweede met slechts één punt achterstand op de miljonairs van Paris Saint-Germain.

*****

Net als in Nederland is de focus op de jeugd bij Lyon uit (geld)nood geboren. Aulas, de man die 1987 eigenaar werd van Olympique Lyon en de club sindsdien leidde, was niet altijd zo zuinig als nu. In 2009 gaf hij in totaal 81 miljoen uit aan spelers als Gomis, Lisandro López, Michel Bastos en Dejan Lovren. Het jaar daarna betaalde hij 22 miljoen voor middenvelder Yoann Gourcuff. Aulas trok alles uit de kast om weer kampioen van Frankrijk te worden, wat tussen 2002 en 2008 zeven keer op rij gelukt was.

Maar het door Aulas zo zorgvuldig opgebouwde team uit die glorietijd, met sterkhouders als de Braziliaanse vrijetrappenmeester Juninho Pernambucano, verdediger Cris en doelman Grégory Coupet, kon niet even in twee zomers vervangen worden. De jaren als alleenheerser hadden Lyon gemakzuchtig gemaakt en het smijten met miljoenen bleek niet de remedie om een in onbalans geraakte, verouderde selectie weer op de rails te krijgen.

Toen Paris Saint-Germain, de slapende reus uit de Franse hoofdstad, in 2011 ontwaakt werd door een Qatarese sjeik kwam het dolende Lyon nog verder in de problemen. Niet veel later werd ook een andere oude rivaal van Lyon, AS Monaco, van een oneindig budget voorzien door de Russische rijkaard Rybolovlev. Plotseling was OL, dat de titel in de voorbij jaren al had moeten laten aan Girondins de Bordeaux, Olympique Marseille en LOSC Lille, niet meer de vermogendste club in het Franse voetbal. Nadat Montpellier in 2012 de Parijzenaars nog verrassend voorbleef, brak de heerschappij van Paris Saint-Germain aan, dat nu twee jaar op rij kampioen werd.

Lyon was de afgelopen zes seizoen zoekende. Coaches Claude Puel en later Rémi Garde kregen de onlogische mix van dure sterren en aanstormend talent niet aan de praat, deden niet meer mee om het kampioenschap en verspeelden in Europa de angst inboezemende reputatie die de club in het midden van de jaren nul had opgebouwd. De miljoeneninvesteringen van Aulas betaalden zich niet terug, terwijl plannen voor een nieuw stadion zich voortsleepten en veel geld kostten. De club draaide verlies en leek met de opkomst van PSG en Monaco ten dode opgeschreven.

“Jean-Michel Aulas heeft gezegd dat mijn terugkeer onmogelijk is vanwege de financiën. Daarom speel ik niet meer bij Lyon”, zei Michel Bastos in de zomer van 2013, aanmerkelijk minder lovend over zijn nieuwe club Al-Ain uit Saoedi-Arabië dan Gomis een jaar later zou zijn over Swansea. De Braziliaanse vleugelspeler werd net als de Franse spits gehaald in 2009, voor 18 miljoen euro en een vorstelijk salaris. Na een verhuurperiode bij Schalke 04 was de boodschap van Aulas duidelijk: je bent te duur, we moeten je verkopen. Al-Ain wilde nog 4 miljoen voor hem overmaken.

Jean-Michel Aulas is niet de typische, voetbalvreemde eigenaar die denkt alles op te kunnen lossen met geld en anders met nog meer geld, zoals we die het laatste decennium steeds vaker zagen opduiken in het voetbal. Aulas, een succesvol zakenman, had Lyon van middenmoter opgebouwd tot Europese topclub met zijn slimme aankoopbeleid en goede scouting. Zijn investeringen van 2009 en 2010 bleken een zeldzame misschatting van de intelligente president, maar Aulas is een man die durft te leren van zijn fouten.

In 2012 begon hij met het verkopen van zijn dure sterspelers. Hugo Lloris, Aly Cissokho, het niet genoeg presterende talent Ishak Belfodil en Kim Källström werden van de hand gedaan, een jaar later vertokken Lovren, López en Bastos en afgelopen zomer ging met Gomis de laatste dure jongen de deur uit. Op al deze spelers maakte Aulas dik verlies, maar hij was in ieder geval af van de hoge salarissen en de opgeblazen ego’s.

*****

“De opleiding van Olympique Lyon is niet zoals die van FC Barcelona. Barcelona was een paar jaar geleden erg goed, maar nu heeft Lyon de beste jeugdopleiding van Europa”, zei Mathieu Boyer eerder dit jaar in een interview met The Set Pieces. Jeugdtrainer Boyer kwam in 2008 werken bij de academie van de Fransen, totdat hij de club in 2013 verliet. Hij maakte van dichtbij mee hoe Aulas zijn club transformeerde. “Ik heb Tottenham Hotspur en Crystal Palace bezocht. Die clubs hebben meer geld, maar hun opleiding heeft een lager budget dan dat van Lyon. Lyon steekt ieder jaar 5 à 6 miljoen euro in de opleiding.”

Het geld dat Aulas bespaarde en verdiende door de verkoop van zijn oude sterren stak hij in het nieuwe stadion (dat bijna af is), een paar goedkope routiniers, zoals de 35-jarige middenvelder Steed Malbranque die ooit uit de jeugd van Lyon voortkwam, en in eigen talent. Waar clubs als Barcelona spelers van over heel de wereld in hun academie onderbrengen, zoekt Lyon haar talenten alleen in en rond de stad. De regio die ooit Karim Benzema, Hatem Ben Arfa en Loïc Rémy voortbracht blijkt nog steeds uiterst vruchtbare grond te hebben.

Boyer: “Het gaat niet alleen om voetbal, ook om gedrag en mentaliteit. Dat geldt ook voor de ouders. Sommigen willen dat hun zoons veel geld gaan verdienen, sommige 12-jarigen hebben al een zaakwaarnemer. Dat is niet goed. Lyon wil spelers met het Lyon-DNA, die willen leren bij Lyon. Als je het eerste elftal nu ziet komt 80 procent van de spelers uit de eigen opleiding. Dat is meer dan bij Barcelona.”

En die 80 procent bestaat zeker niet uit de minste talenten. Spits Lacazette scoorde dit seizoen 24 goals in 27 competitiewedstrijden, middenvelder Gonalons speelde al zes keer in het Franse nationale team en spelverdeler Clément Grenier wordt al lange tijd gevolgd door Arsenal. De 21-jarige offensieve middenvelder Fékir debuteerde eind maart voor Frankrijk terwijl Jordan Ferri ook dicht tegen de selectie van Laurent Blanc aan zit. De grote revelatie van dit seizoen is de 20-jarige middenvelder Corentin Tolisso, die samen met PSG’s Adrien Rabiot onlangs Jong Oranje aan gort speelde.

Het Lyon-DNA dat door al deze jonge aderen stroomt zorgt voor een hecht elftal, geleid door de relatief onervaren Hubert Fournier, die eerder Stade Reims terug naar de Ligue 1 leidde. OL staat nu één punt achter op het sterrenensemble van Paris Saint-Germain en ligt vier punten voor op Marcelo Bielsa’s Olympique Marseille. Met ook Monaco en Saint-Étienne op niet al te grote achterstand is de Franse competitie een stuk spannender dan de afgelopen twee seizoenen. Als Lyon zich plaatst voor de Champions League zal het wellicht Lacazette, Gonalons en Grenier kunnen behouden en zachtjes verder kunnen bouwen aan een nieuw succesvol elftal.

*****

President Aulas zit weer in zijn rol van vóór 2002, toen hij de gevestigde orde in de Franse competitie bestormde met goed beleid en slim selecteren. Na wat vette jaren en paniekvoetbal heeft hij eens te meer aangetoond een visionair te zijn zoals je in Europa maar zelden ziet. Terwijl Paris Saint-Germain haar roemruchte jeugdopleiding verkwanselt door talent weinig kans te geven en duurbetaalde vedetten de voorkeur te geven, is Lyon met een selectie die bijna niets gekost heeft net zo sterk. Allebei de keren dat de ploegen elkaar dit seizoen troffen eindigde de wedstrijd in 1-1.

In de laatste zeven wedstrijden zal het kampioenschap beslist moeten worden. Het programma van Lyon is met Saint-Étienne en Bordeaux thuis vrij pittig, Paris Saint-Germain ontvangt Lille en het taaie Guingamp en moet nog uit naar Montpellier. Aulas was na de 3-1 winst op Guingamp van afgelopen weekend positief: “Dit was de eerste stap richting een fantastisch verhaal. Het zou geweldig zijn als we kampioen worden. We zijn kalm en blijven met beide benen op de grond. We weten wat we kunnen en ik geloof echt dat er nog heel veel kan gebeuren voor het seizoen voorbij is.”

Nu de creatieve middenvelders Grenier en Gourcuff terugkomen van blessures en Lacazette nog altijd op schot is ziet het er goed uit voor Olympique Lyon. Een ander voordeel is dat Paris Saint-Germain nog meestrijdt in de Champions League, topprioriteit van de Qatarese eigenaar, wat ten koste zou kunnen gaan van resultaten in de eigen competitie. Toch zijn de Parijzenaars niet de enige kapers op de kust, meestertacticus Bielsa en het Monaco van Dimitar Berbatov kunnen niet afgeschreven worden.

Toch zal het al dan niet fantastische verhaal van Lyon dit seizoen niet het enige zijn dat de geschiedenisboeken ingaat. De productieve jeugd, à la Eredivisie,  is zelden eerder vertoond in de grote Europese competities en de opkomst van de club past in de trend die Borussia Dortmund en Atlético Madrid de afgelopen jaren hebben ingezet. Het grote geld kan uitgedaagd worden. Bafetimbi Gomis zei het in juni zo mooi, alleen over de verkeerde club: het is een trotse club met een sterke filosofie.

Foto bovenaan: Alexandre Lacazette (links) en Nabil Fékir juichen na weer een goal. Bron: eurosport.com.