Heimwee naar de heilige Diego

Thomas Rensen doet voor ons verslag van een voetbalreis naar Italië die hij de afgelopen dagen gemaakt heeft. Als eerste bezocht bij Napoli-Trabzonspor, een Europa League-treffen ontdaan van alle spanning, maar niet van een mooie sfeer. En natuurlijk is de als heilige vereerde Diego Armando Maradona altijd aanwezig.

Een groundhopverslag over Napoli… dat zal zeker wel weer over Diego Armando Maradona gaan? Ik was het eigenlijk in eerste instantie niet van plan. Ik ben net niet van de Maradona-generatie. Ik groeide op met de tranen van Diego na de verloren WK finale in 1990, zijn gelukstreffer tegen Griekenland vier jaar later en heel wat cokegebruik, wapengekletter en andere incidenten buiten de lijnen. Zijn gloriejaren bij Napoli en goddelijke doelpunten tijdens het WK van ’86 heb ik niet bewust meegemaakt.

Toch speelt hij wel een rol in een van de allereerste wedstrijden die ik me nog goed kan herinneren: Argentinië – Italië, de halve finale van het WK 1990. Ik was acht jaar, het was zomervakantie en ik mocht deze avondwedstrijd op televisie zien. Ik mocht opblijven! De wedstrijd werd gespeeld in het stadion waar ik nu ben: Estadio San Paolo, thuishaven van Napoli en dus op dat moment ook van Maradona. De Napolitanen ondergaan een innerlijke tweestrijd. Voor wie moeten ze zijn? Voor ‘hun’ Maradona of voor het land waar ze in wonen, maar waar ze minder mee hebben omdat het ‘noorden’ toch alles beslist. Voor mij is de beslissing gemakkelijker. Ik ben voor Italië omdat daar de topscorer van het WK mee doet: Toto Schillaci. Na negentig minuten staat het 1-1. Daar hadden mijn ouders geen rekening mee gehouden toen ze zeiden dat ik de wedstrijd mocht zien. Ik moet naar bed en mis zo de ontknoping waarin Argentinië na penalty’s weet te winnen. Het is een van de laatste grote wedstrijden van Maradona in Napels.

Een historisch stadion dus en dat is de reden dat ik heb gekozen om mijn Italië-reisje hier te beginnen. Helaas viel de loting van de Europa League voor mij een beetje tegen: het Turkse Trabzonspor kwam uit de koker. Nog jammerlijker wordt het als, ik heb ondertussen mijn reis al geboekt, Napoli de heenwedstrijd in Turkije met 1-4 wint. Een wedstrijd om des keizers baard dus. Toch kies ik er uiteraard voor om de wedstrijd in het stadion te zien in plaats van een pub te zoeken waar ze het veel spannendere Feyenoord – AS Roma uitzenden.

Ik had me voorgenomen vooral niet over Diego Maradona te schrijven, omdat dat het enige is wat je hoort als het over Napoli gaat. Maar ook ik ontkom er niet aan. Hij is overal. Voor ik het stadion in ga kan ik langs de kant van de weg overal zijn shirt kopen. Helaas niet de retroversie met Mars, maar een modern aftreksel. Het staat wel mooi, zijn naam en nummer 10.

Ik ben precies op tijd voor de warming up op de Curva Sud. Daar komen de huidige helden van Napoli: Dries Mertens, Gonzalo Higuaín en José Callejón onder anderen. En wat draait de dj? Life is life. Wat anders? Het was helemaal niet in dit stadion dat Maradona zijn beroemde warming up deed, de bal jonglerend op deze toenmalige hit. Maar dat neemt niet weg dat hij en de groep Opus onlosmakelijk aan elkaar verbonden zijn. Als het liedje afgelopen is, blader ik de speciale editie van Corriere dello Sport door, gemaakt voor deze wedstrijd. En jawel, daarin prijkt een grote foto van Diego. Met in zijn handen de UEFA Cup, een van de prijzen die hij won in Napolitaanse dienst. Gaan ze dit verhaal nu elke ronde weer publiceren?

Het is 21.05 (belachelijke tijd), de wedstrijd begint. En dus begint het gezang op beide Curva’s. En het gezwaai met vlaggen. De grootste is prachtig Napelsblauw, met daarop de beeltenis van… Diego Armando Maradona. Rechtsonder prijkt zijn rugnummer. Het grote doek zal geen moment worden weggelegd, de supporters zwaaien er negentig minuten lang mee. Napoli wint de matige wedstrijd met 1-0, voor mij tijd om terug te gaan naar het hotel. De supporters op de Curva maken nog geen aanstalten om naar huis te gaan. Ze zwaaien, applaudisseren naar de spelers en verheffen nog een keer hun stemmen. Hun steeds herhaalde woord galmt mooi in deze ouderwetse betonnen bak: Diego, Diego, Diego.

Foto bovenaan: Thomas Rensen.