De 6 Eredivisie-culthelden van 2014

Ongetwijfeld zullen er rond deze tijd weer top- en floplijstjes voorbijkomen, maar wij zoeken het in een aparte categorie: de cultheld. Zo iemand die niet per se opvalt door een uitzonderlijk talent, maar wel een enorme gun-factor heeft. Wij zetten de zes grootste Eredivisie-culthelden van 2014 op een rijtje.

Culthelden zijn een beetje de (inter)nationale knuffelberen van het voetbal. Het is niet zo goed uit te leggen wanneer iemand een cultheld is. Maar hij moet in ieder geval niet té veel talenten hebben. Dan ben je gewoon een held, of held in wording. Dus dat telt niet. De volgende zes mensen hebben de C-factor, zullen we maar zeggen.

1. Wout Weghorst

De eerste keer dat ik een samenvatting van Heracles Almelo zag, gaf iemand van de zwart-witte brigade een diepe bal. Wout Weghorst ging er vol jeugdig enthousiasme achteraan, maar had het sprintduel al na 0,2 seconde verloren. Ondanks zijn lange stelten was – en is – deze Nederlandse Peter Crouch niet de snelste op het veld. Maar hij scoorde toch al vijf keer voor het niet pottenbrekende Heracles. En dat leverde hem zelfs al een invitatie voor Jong Oranje op. Wout Weghorst is een potentiële publiekslieveling.

2. Joris van Overeem

De naam ademt hockey. Ook zijn accent klinkt Gooischer dan je op een gemiddeld eredivisieveld zal horen. Joris van Overeem voetbalde echter al in verschillende Oranje-jeugdelftallen. De talentvolle middenvelder zou bij AZ echter geen speeltijd krijgen, dus werd hij verhuurd aan ‘Dordt’. In zijn debuutwedstrijd scoorde hij de winnende goal in de enige winstpartij van de Schapenkoppen. In de andere zestien wedstrijden kwam de geboren Amsterdammer tot één assist.

3. Tom Beugelsdijk

Als er voor iemand het cliché ‘ruwe bolster, blanke pit’ is bedacht, is dat wel voor Tom Beugelsdijk. In het veld moet je oppassen dat hij je niet in tweeën trapt, maar buiten het veld blijkt de verdediger een vrij hulpeloze jongen die zijn was elke week bij z’n mammie brengt. Afgelopen zomer vertrok de spitsenslager bij ADO Den Haag om ruim 400 kilometer van zijn geboortestad vandaan bij FSV Frankfurt te gaan spelen. En ondanks de niet geringe afstand is ‘Tommie’ op zijn plek, want hij ‘moet gewoon de spits slopen‘. En dat vindt hij heerlijk.

4. Carlo de Reuver

Slechts weinig spelers van Excelsior zijn echt nationaal bekend. Maar Carlo de Reuver is hard op weg om die bekendheid te vergaren. Veel speelt hij niet, maar als hij speelt, laat hij zich zien. Als invaller scoorde hij zowel tegen AZ als tegen FC Utrecht, beide wedstrijden leverden een punt op. Ook in de beker tegen WKE scoorde de jonge aanvaller. Maar een basisplaats zit er (nog) niet in voor deze supersub. Maar de tegenstander al bang maken, terwijl je naast de vierde official staat, is ook een talent.

5. Bram van Polen

In het seizoen dat Bram van Polen zijn profdebuut maakte, eindigde FC Zwolle als vierde in de Jupiler League. Voor de rechtsback was het echter tóch een memorabel seizoen, hij maakte namelijk doodleuk een hattrick tegen MVV. Ruim zes jaar later staat PEC Zwolle weer vierde, maar dit keer wel in de Eredivisie. En al die tijd is Van Polen er bij. Inmiddels is de verdediger een clubicoon. Het is dan ook goed nieuws dat hij afgelopen zomer bijtekende bij de blauw-witten.

6. Henk de Jong

Wat waren ze boos in Leeuwarden toen trainer Dwight Lodeweges naar aartsrivaal SC Heerenveen vertrok. En wat zullen ze het nu prima vinden. Onder leiding van Henk de Jong staat SC Cambuur namelijk vier punten boven de club van de pompeblêden. Dat geeft de coach ook nóg iets meer de gelegenheid om lekker eigenwijs te zijn. Want waarom dragen we de traditionele top-3 zo op handen? Zo goed zijn ze toch niet? De vraag is hoe lang de hosanna-stemming gehandhaafd kan blijven in Leeuwarden.

Foto bovenaan: Tom Beugelsdijk hoort, ondanks zijn tussentijdse vertrek, bij de zes grootste Eredivisie-culthelden van 2014 (Bron: Omroepwest.nl)