Clarence Seedorf en het Guardiola-syndroom

Het is alweer bijna een jaar geleden dat Clarence Seedorf het roer overnam bij AC Milan. En een half jaar sinds hij ontslagen werd. Hij en veel andere jonge coaches lijden aan een soort Pep Guardiola-syndroom: denken dat je zonder ervaring meteen alles gaat winnen. Maar er is maar één Pep.

Nigel de Jong had nog wel zo zijn best gedaan. In de 27e minuut maakte hij, nadat collega-middenvelder Sulley Ali Muntari de 1-0 had gescoord, de voorsprong van zijn AC Milan twee keer zo groot. Een verzilverde strafschop van Simone Zaza in de slotminuten kon niet voorkomen dat US Sassuolo met 2-1 verloor van de Milanezen. De Jong was blij met de zege, maar hij wist diep in zijn hart al dat het niet genoeg zou zijn om zijn coach in het zadel te houden. Die vriendelijke Clarence Seedorf, die zo begripvol met zijn spelers om was gegaan, ze zo lekker vrij had laten voetballen. Zij, de selectie, hadden dat vertrouwen beschaamd. Nigel de Jong wist dat het niet aan hem lag, want hij ging elke negentig minuten als een opgevoerde brandweer, maar zijn ploeggenoten konden wel een paar schoppen onder hun kont gebruiken. Seedorf had ze die nooit gegeven.

De winst op Sassuolo van zondag 18 mei 2014 bleek het slotakkoord van Clarence Seedorf bij zijn geliefde AC Milan. Door zijn immense staat van dienst als speler voor de club zal hij tot in lengte van dagen welkom zijn op de VIP-tribune van het San Siro, maar zijn tijd als coach zal iedereen het liefst zo snel mogelijk willen vergeten. Als bij een geweldige gitarist die één dronken optreden geeft waarbij het publiek hem uitjouwt, als bij een kunstschaatskampioen die één keer gigantisch op zijn bek gaat of als bij een geniale historicus die één keer even niet uit zijn hoofd weet op te noemen op welke datum Willem van Oranje vermoord werd, doet iedereen net alsof het nooit gebeurd is. Als Seedorf zelf dat maar niet doet.

Dromen van ‘een Guardiolaatje’

De grootste fout die Seedorf maakte als coach van AC Milan, was coach van AC Milan worden. Ongeveer vijf minuten nadat hij voor het laatst zijn vochtige voetbalschoenen in zijn tas had geborgen in een swingende kleedkamer in Rio de Janeiro, stond hij in Milaan strak in pak voor een groep muisstille Italianen. Doodsbang waren ze – behalve De Jong waarschijnlijk, en Balotelli – voor wat die nieuwe coach zou zeggen. Hij zou de regels waarschijnlijk gaan aanscherpen, gaan hameren op de discipline en elke dag een conditietraining inlassen. Maar hoe ervaren Clarence Seedorf ook was als speler, en hoe goed hij bij het Braziliaanse Botafogo zijn jeugdige medespelers ook bij de hand had genomen, als coach was hij net zo ervaren als Max de Boom voor een camera.

Clarence dacht dat hij het allemaal wel even zou doen. Neerdalen in Milaan als een teruggekeerde Messias die het wel weer even goed zou maken, iets met puzzelstukjes op de juiste plaats en neuzen in dezelfde richting. Het tij keren. Het noodlijdende AC Milan zou weer de club worden die het tijdens Seedorfs gloriedagen was: trots, stijlvol, de beste van Italië en de beste van Europa. En dat hij nog geen enkele ervaring had, dat zou vast geen probleem zijn. Het was Pep Guardiola toch ook gelukt bij FC Barcelona?

Mislukte Peps

Clarence Seedorf was niet de eerste die ten prooi was gevallen aan het ‘Guardiola-syndroom’: net zo willen zijn als Pep Guardiola. In hetzelfde stadion had Andrea Stramaccioni het van maart 2011 tot en met mei 2012 geprobeerd bij Internazionale. De piepjonge coach, die alleen ervaring had in de jeugd van AS Roma en Inter, zou van het net als AC beschamend ver weggezakte Internazionale wel weer een fris elftal maken dat weer netjes bovenaan zou staan in Italië. Slechts een jaar heeft het geduurd, ‘Strama’ was er toch niet zo klaar voor als hij en heel zijn club hadden gehoopt. Kroonprins Andrea, nog altijd maar 38 jaar, staat nu negende met Udinese. Nog wel twee plaatsen boven Inter trouwens…

PSV treft binnenkort in de Europa League het Zenit Sint-Petersburg van André Villas-Boas, de 37-jarige coach die er al een hele loopbaan als wonderkind bij FC Porto en vervolgens mislukte verlosser bij Chelsea en Tottenham Hotspur op heeft zitten. Vitesse probeerde het in 2010 met de toen 40-jarige oud-speler van Barcelona Albert Ferrer, die geen enkele ervaring had als coach. Na acht maanden mocht hij inrukken, hij zit nu zonder club. Een andere voormalige Barcelona-held en leeftijdsgenoot van Ferrer, Luis Enrique, werd in 2011 als ‘nieuwe Guardiola’ naar AS Roma gehaald. Hij kreeg zijn ploeg niet aan de praat. Inmiddels doet hij het dit seizoen, na een tijdje ervaring opdoen bij Celta de Vigo, heel behoorlijk als coach van Barça. Ook Tito Vilanova kon het twee jaar geleden niet, als assistent van Guardiola de boel bij Barcelona overnemen en meteen een groot coach worden.

Natuurlijk zijn er ook voorbeelden van coaches die het wel lukte, van Frank de Boer tot Mauricio Pochettino en van Diego Simeone tot Murat Yakin, maar helaas is het niet voor iedereen weggelegd.

Ervaring

Terug naar die muisstille kleedkamer op Milanello. Waar ventjes als Stephan El Shaarawy en Mattia de Sciglio doodsbang waren voor een donderspeech, kregen ze een soort zenmeester voor de groep, die constant benadrukte hoe goed het allemaal wel niet ging. Als een soort ziekelijk positieve New Age-heelmeester bagatelliseerde Seedorf zich een weg door de Italiaanse Serie A, teleurstellend resultaat op teleurstellend resultaat stapelend. Onze columnist Stan van den Steenhoven verwoordde het treffend: “Het wrangst was niet Seedorf langs de lijn, maar dat waren zijn praatjes met de pers. Wie Clarence de laatste weken in interviews zag, dacht dat hij trainer was van een subliem pingelend Barcelona. Ik heb hem uitsluitend complimenteus gehoord. Stond hij weer met de glimlach van een emoticon de pers te woord, nadat een wedstrijd tegen een club uit een of ander Zuid-Italiaans bergdorp in 1-1 was geëindigd.”

De hele column van Stan over Seedorf: Jeugdtrainer Seedorf

Hier was duidelijk een coach aan het werk die nog helemaal geen coach was. Hij dacht met wat goedkope psychologische trucjes en een net pak met een kek sjaaltje om zijn nek de boel te kunnen redden en verder puur te kunnen leunen op zijn ervaring als speler en de indruk die zijn grote naam ongetwijfeld moest maken op de spelers (waarvan er veel nog met hem samen hadden gespeeld). Hij overspeelde zijn hand totaal door te denken dat hij Pep Guardiola wel even heel gemakkelijk zou kunnen navolgen. Maar hij was vergeten dat er maar één keer in de driemiljard jaar een Pep geboren wordt, en wij doodgewone stervelingen iets nodig hebben waar hij zonder kan: ervaring.

Zelfoverschatting

Zelfoverschatting is sinds Pep Guardiola’s gigantische successen een groot probleem onder jonge coaches. Ze denken heel wat te zijn, vertellen in interviews hoe ze als speler al goed opletten wat voor methodes hun coaches allemaal gebruikten (“van al de coaches die ik heb meegemaakt, en dat zijn aardig wat topcoaches, heb ik wel wat opgepikt. Ik heb ook altijd een aantekeningenboekje bijgehouden”) en hoe ze in hun laatste voetballende jaren jonge spelers hielpen (“je moet toch de jeugd op sleeptouw nemen. Je merkt dat ze toch tegen je opkijken en het voelt goed om alle kennis die ik heb opgedaan te delen”). En dan denken ze meteen dat ze de grootste clubs op aarde kunnen leiden.

Deze voormalige topspelers zijn het gewend om alles te winnen wat er te winnen valt en een voortrekkersrol te vervullen. Logisch ook dat ze dan meteen door willen rollen in de baan van hoofdcoach van een topclub, waarin ze datzelfde kunnen doen. Helaas is het niet zo makkelijk. Zoals oud-profs vroeger in een zwart gat vielen na hun carrière, lijkt het nu de norm om direct topcoach te willen zijn en dan vervolgens pijnlijk hard terug ter aarde te storten. Want een groot coach worden, dat is heel iets anders dan een groot voetballer zijn. Het vergt toewijding, ervaring, mensenkennis, tactische kennis, mediavaardigheid, om kunnen gaan met het bestuur, supporters, ervaren spelers, jonge spelers en veel hoger gespannen verwachtingen. Het is een stuk moeilijker dan FIFA Ultimate Team.

De lessen voor Seedorf

Terwijl ze in het rood-zwarte deel van Milaan hun best doen om tevreden te zijn met de verrichtingen van die andere oud-speler, Filippo Inzaghi (meestrijdend om de derde plaats in de Serie A) en Seedorfs tijd als coach proberen te vergeten alsof het een kind is dat een keer zand aan het eten was in de speeltuin terwijl dat bah was, moet Clarence zelf niet doen alsof het nooit gebeurd is. Hoe graag hij dat ook zou willen.

Hij moet er van leren en net als bijvoorbeeld Patrick Kluivert en Phillip Cocu ergens onderaan in een jeugdteam beginnen en zichzelf zorgvuldig omhoog werken. Dan even een klein clubje in Italië of misschien zelfs Nederland en steeds wat groter denken. De op-je-bek-fase zoals bijvoorbeeld Ronald Koeman of Marco van Basten ook hadden, heeft Seedorf in ieder geval vast gehad. Ook clubbestuurders zouden beter moeten weten en hun ambitieuze clubiconen moeten behoeden voor de fouten die zo velen er inmiddels gemaakt hebben.

Afgelopen vrijdag werd bekend dat Seedorf gaat werken voor de UEFA, om te helpen racisme op en rond de Europese velden te bestrijden. Een mooi en nobel streven, waar bijna geen beter uithangbord voor denkbaar is dan de intelligente en welbespraakte Seedorf. Eén van zijn speerpunten is zorgen dat er meer donkere coaches in de voetbalwereld aan de slag zullen kunnen gaan. Ik hoop dat hij zelf het goede voorbeeld zal geven.

Lees meer over het trainerschap: Het is tijd voor trainersemancipatie!

Foto bovenaan: beinsports.tv.