VV Houtje Touwtje: De materiaalman

In VV Houtje Touwtje bezingt Frank Hettinga kenmerkende en markante figuren die haast iedere dag aanwezig zijn op de amateurvereniging. Dit keer een ode aan materiaalman Henk, de arts van het gras.

Groundsman klinkt chique in het Engels. Maar dat vindt Henk maar niets. De materiaalman noemt zichzelf liever ‘manusje van alles’. Alsof het een eigen bedachte term is.

Hij mist geen enkel thuisduel. En als zijn club uit speelt? Dan kijkt hij in een grote fauteuil precies door de gordijnen naar zijn velden. Een echte materiaalman woont naast het gras, vindt hij.

Dat doet hij overigens ook in de zomerstop. Op vakantie gaan? “Ik pieker er niet over”, zei hij eens tegen trainer Geert. Heimwee, een verlangen naar het ballenhok, met zijn bureautje, koffiezetapparaat en administratiewerk.

Maar die verdraaide pupillen in hun vakantie ook altijd. Dan ziet hij ze al weer fietsen. Een mannetje of vier. Ieder een bal in de hand. En een tas met eten en drinken. Lekker voetballen op een maagdelijk veld.

Nou, daar komt niets van in. Dan beent Henk het terrein op. Op klompen en met een flinke sigaar in zijn rechter mondhoek. Zijn stem boezemt de jongens angst in. Snelwandelend lopen ze alweer terug naar hun fietsjes.

Maar het weerhoudt Henk niet om hen stevig de les te lezen. “Jullie fietsten door de hoofdingang naar binnen. Kunnen jullie niet lezen?” De jongens staren met de handjes op de rug naar de grond. “Jawel, Henk”, mompelt één. “Blijkbaar niet. In de zomer geen geklooi op het gras!”, foetert Henk nogmaals. Beteuterd druipen ze af.

Als het een reprimande betreft, spreekt Henk ineens helder Nederlands. Maar inwoners komen hem nog al eens tegen in de buurtsupermarkt en horen hem dan in onverstaanbaar en niet te traceren dialect brabbelen. Alleen jonge voetballertjes weten beter.

Op wedstrijddagen staat Henk op als zijn sprietjes nog onder een dekentje van dauw liggen. Na een bakje koffie en een broodje kaas maakt hij een ommetje over de velden. Het krijten van de lijnen voelt als het zetten van zijn handtekening.

De ballen zijn opgepompt, de netten hangen strak in het doel en de cornervlaggen staan trots te wapperen als ook eindelijk de spelers arriveren. Maar zij zien het nooit, hebben geen gevoel voor esthetiek. Voor hen is het een gegeven.

En de rommel. “Daar krijg ik echt aambeien van”, zoals Henk zo vaak bromt. Hij is toch geen vuilnisman. Al die rondslingerende snoeppapiertjes en plastic flessen.

Meerdere malen heeft hij verhitte discussies gehad. Hij zou achtergelaten voetbalbroekjes en handdoeken te snel bij het vuilnis gooien. “Daar hebben we de gevonden voorwerpen-bak toch voor”, krijgt hij dan te horen. Gek wordt hij ervan, die slordige kinderen.

Henk kijkt ook anders voetbal. De rechtsback van de tegenpartij maakt een flinke sliding en ploegt de plaggen uit de mat. Een siddering baant zich een weg over Henks rug. Het spel interesseert hem niet meer. Somber kijkt hij dertig minuten lang naar het plaats delict.

Gelukkig mag Henk in de rust weer. Met een hooivork in zijn hand en gehuld in blauwe overal en te grote groene laarzen struint hij over het gras.

Daar gaat hij, de arts van het gras. Redden wat er te redden valt.

Lees meer over VV Houtje Touwtje: De assistent
Lees meer over materiaalmannen: We hebben geen topspelers meer, maar wél materiaalmannen