Mannen Wiens Voeten Wij Kussen #12: Andrés Iniesta

Andrés Iniesta is niet alleen de man van die goal. Hij is ook gewoon een steengoede middenvelder die misschien nog wel meer bescheiden is dan zijn teamgenoot Lionel Messi.

“Dat ik daar stond en die goal kon maken was het gevolg van eerdere successen en ontwikkelingen. In ieder geval zou ik het prettiger vinden als de mensen mij waarderen om de persoon die ik ben”, zei Andrés Iniesta over zijn doelpunt in de WK-finale tegen Oranje in Zuid-Afrika.

In een park maken mensen een wandeling, zitten groepjes studenten en voetballen jongetjes tot het bijna donker is. Één van die jongetjes moet Iniesta zijn geweest. Misschien dat hij toen al het kleinste was van het stel. Misschien dat hij toen al het maken van een doelpunt leuker vond dan het navertellen ervan.

In een gymzaal giechelen meisjes iets te hard en mogen twee jongens de teams maken voor een potje voetbal. Één voor één worden de klasgenootjes die nog op de bank zitten aangewezen, toegewezen aan een team. Één van die klasgenootjes moet Iniesta zijn geweest. Misschien had hij toen al hetzelfde kapsel, waarschijnlijk was hij toen al de beste van allemaal.

Sommige mensen vallen op. Je loopt over straat en iedereen kijkt hem of haar aan. Sommige mensen willen opvallen, ze kleden zich net even iets anders, hebben de nieuwste kapsels, of de grootste mond. Sommige mensen vallen alleen op als ze op voetbalschoenen rond de middencirkel van het Camp Nou bewegen. Als ik denk aan FC Barcelona dan zie ik in mijn gedachten twee mannen die altijd naast elkaar lijken te lopen. Xavi en Iniesta. Twee broers die geen familie zijn.

Iniesta is zo’n speler die je als tegenstander makkelijk onderschat. Als Iniesta in de spiegel kijkt zal hij zich nooit geïntimideerd voelen. Hij is een speler die het liefst onzichtbaar lijkt te zijn, maar toch altijd in de schijnwerpers staat omdat hij nou eenmaal altijd de bal heeft. Rustig, zwervend beweegt hij over het veld, alsof hij thuis door de woonkamer loopt. Gastvrij, maar toch altijd de baas. De vriendelijkste baas. Als er een voetballer is die bij het betreden van het veld geen angst inboezemt, dan is dat Iniesta. Hij geeft je vriendelijk een hand voor de wedstrijd, en vriendelijk een hand na de wedstrijd.

Daartussenin speelt hij zichzelf in een voorstelling waarvan hij zowel speler als toeschouwer is. Met de bal aan de voet. Het tikken, het passen en het onverwachte. Bij veel spelers heb ik wanneer ze de bal aangespeeld krijgen al een idee wat ze er mee gaan doen. Passen, het duel aangaan of een actie inzetten. Bij Iniesta blijft dit vaak een verrassing. Hij is een voetballer die alles in de loop lijkt te doen. Het kijken naar de bewegingen van zijn teamgenoten, het zoeken naar de ruimte op het veld, het ontwijken van tackles en het versturen van een liefdevolle pass.

Bijna altijd leidt zijn pass tot een inleiding van een aanval, het begin van een sprookje. En als het allemaal lukt, als het net beweegt, supporters juichen en tegenstanders elkaar beschuldigend aankijken, dan kijkt Iniesta nederig om en geeft zijn teamgenoten vriendelijk een hand. Hij is geen simpele artiest, hij is een artistieke voetballer.

Op een straat rijdt het verkeer langzaam, voetballen jongens tot het bijna donker wordt en kijkt een jongeman gelukkig toe. Je kan tegen hem voetballen, van hem verliezen en van hem genieten. Je kan hem tegenkomen op straat zonder hem te herkennen.

In een spijkerbroek en T-shirt loopt hij over straat. Nooit droomde hij van de aandacht, de roem en de interviews. Hij droomt niet, hij speelt het voetbal zoals ik dat alleen maar kan dromen. De man van het prachtige boogballetje, het één tweetje in het strafschopgebied, het doelpunt in de WK-finale en de man die strijdlust verslaat met plezier. Iniesta is niet zozeer trots dat hij Spanje naar de WK titel schoot, hij is vooral dankbaar dat hij voetballen mag.