Het is tijd voor trainersemancipatie!

Als er één baan in het voetbal is waarbij je het heel moeilijk kan hebben, is het wel het trainersvak. Het wordt daarom tijd dat we de trainers meer gaan beschermen.

Heracles Almelo besloot dit seizoen na vier verloren wedstrijden trainer Jan de Jonge op de keien te zetten. Sindsdien won de ploeg één van de vier daaropvolgende competitiewedstrijden. Zaterdag zagen de Almeloërs ineens het licht tegen NAC Breda.

NEC gooide vorig seizoen trainer Alex Pastoor na drie verloren wedstrijden eruit. Aan het eind van het seizoen stond de ploeg op plaats zeventien. In de play-offs bleek Sparta Rotterdam te sterk en degradeerden de Nijmegenaren alsnog.

Los van alle clichématige argumenten, die goedbeschouwd gewoon rotsmoesjes zijn, hebben clubs weinig goede redenen om een coach al na een paar wedstrijden te ontslaan. Een mindere periode zorgt echter voor paniek, vooral aan het begin van het seizoen.

Het probleem is dat een falende speler, of een heel kneuzenteam, niet zomaar weggedaan kan worden. Dus dan moet de trainer er maar uit, omdat het kan. Alsof je de leraar van een slecht presterende schoolklas eruit dondert, zonder te bedenken dat die kinderen misschien gewoon niet beter kunnen.

Het is te vroeg om nu al te oordelen over Heracles Almelo, maar echt veel soeps is het niet. Of zouden de Almelose supporters blij worden van de houterige spits Wout Weghorst? Of Simon Cziommer? Of Ramon Zomer? Natuurlijk, die overwinning tegen NAC Breda was leuk, maar dat is vooralsnog een spreekwoordelijke zwaluw.

Een trainer verdient meer bescherming. Een niet-scorende spits verwacht ook enig krediet, net als de grabbelende doelman en de ‘oeps, ik liet mijn mannetje lopen’-verdediger. Daarom zou een trainer niet steeds voor zijn baan moeten hoeven vrezen.

Het ontslaan van een trainer tijdens het seizoen kan in een zeldzaam geval wel effect hebben. Zie ADO Den Haag vorig jaar na het congé van Maurice Steijn, meteen ontstond er het zogenaamde ‘Fräser-effect’. Maar die kans is zo klein, dat het niet mogelijk zou moeten zijn om op elk moment een trainer de deur te wijzen.

Eerlijker zou zijn om in te voeren dat een trainer alleen in de transferperiodes mag worden vervangen. Als clubleiding kies je in de zomer voor een trainer en hij verdient minstens een half jaar krediet. Een ploeg kan namelijk ineens gaan draaien, vraag maar aan Mario Been naar zijn tijd in Nijmegen.

En waarom zou Heracles Almelo met Jan de Jonge aan het roer niet van het zwak spelende NAC Breda hebben gewonnen?

Er zijn genoeg redenen te bedenken waarom er een paar weken lang (te) weinig punten gepakt worden. Het is te makkelijk om meteen naar de coach te wijzen. Of is Frank de Boer een slechte trainer als hij dit jaar een keer geen kampioen weet te worden met Ajax?

Feit is dat je als clubleiding bij je volle verstand een trainer aanstelt en dat er ook over de spelersgroep is nagedacht. Dus uiteindelijk heeft iedereen deels schuld bij slechte resultaten. Na een half jaar, als je (bijna) alle tegenstanders hebt getroffen, kan je met z’n allen gaan evalueren.

Dus zoals je de falende spits, de grabbelende keeper en de ‘oeps, ik liet mijn mannetje lopen’-verdediger pas kan verkopen in januari of de zomermaanden, moet een trainer diezelfde zekerheid kunnen krijgen.

Foto bovenaan: omroepalmelo.nl.