Dromen over de helden van 2024

Kinderen voetballen op een pleintje in de kasba, het Middeleeuwse ommuurde deel van Algiers.

Gisteren fietste ik langs een pleintje. Niet zo bijzonder, ik fiets er dagelijks vaak genoeg langs. Echter, er waren drie jochies aan het voetballen. Eentje met rood haar, de andere twee waren blond. De jongen met het rode haar had een Nike-trainingspak aan, de ene blonde een Messi-shirtje en de andere had een spijkerbroek aan. Hij was de keeper. ’Messi’ en ’de rooie’ stonden in het veld. En ik wilde er bij gaan staan.

Terwijl ik verder fietste vroeg ik me af wie hun helden zijn. De jongen met het Messi-shirt had Messi als held, dat lijkt me duidelijk. Hij zal dromen van Camp Nou en combinaties met Xavi en Iniesta. Maar die andere twee weet ik dus niet. Misschien is ’de spijkerbroek’ wel altijd keeper en is Neuer of Buffon wel zijn held. Of was hij gewoon de lul en was hij aan de beurt om te keepen. En ’de rooie’, wie is zijn held? Paul Scholes misschien, die heeft ook rood haar. Of Jelle ten Rouwelaar. Maar die noem ik alleen omdat hij ook rood haar heeft.

Met het pleintjesvoetbal vroeger moest je altijd ’iemand zijn’. Afhankelijk van je leeftijd en de successen die clubs op dat moment behaalden koos je jouw favoriet. Ik ben van 1991 en aangezien in mijn kleuterjaren Ajax de Champions League won, wilde ik altijd Litmanen zijn. Die kon goed voetballen en had een (in mijn ogen) mooi kapsel. Ik droomde er ook altijd van om net zulke doelpunten te maken zoals hij. Heel soms lukte dat, vooral als het hard waaide en de bal per ongeluk in de verre hoek waaide. Maar meestal eigenlijk niet. Dat gaf niet, want in mijn dromen maakte ik die doelpunten wel.

Tegenwoordig droom ik niet meer zo vaak van doelpunten maken. Ik ben 22 en dan breek je niet meer door. Spelers als Tonny Vilhena en Viktor Fischer zijn een stuk jonger en hebben allebei al een basisplek bij een club uit de Nederlandse top. Dus dat wordt hem niet meer voor mij. Het enige  wat ik tegenwoordig nog aan voetbal doe is op zondagmiddag een potje zaalvoetballen met vrienden. Daar waait het niet, dus (mooie) doelpunten komen niet van mijn voet. Zelfs een mooie actie waarover ik vroeger droomde maak ik niet, want ik krijg geen diepe ballen aangespeeld ”omdat ik die toch niet haal”.

Daarom heb ik een nieuwe droom. ’De rooie’, ’Messi’ en ’de spijkerbroek’ zijn nu mijn helden. Ze zijn nu nog jong, maar over tien jaar staan ze er. En ik weet hoe ze er uit zien, dus bij deze zijn ze ook een beetje van mij. En als zij doorbreken en de acties maken waar ze nu van dromen, dan zijn mijn dromen ook een beetje waargemaakt. Morgen fiets ik weer langs. Hopelijk zijn ze er dan weer.

BV-bio-joost