André Villas-Boas: Van raket tot baksteen

Dit artikel is oorspronkelijk op ThePostOnline geplaatst op 18-12-2013.

villas-boas

Op het veld lopen nog wel eens spelers die ooit op een sokkel werden gezet. Het voetbal kan zo opportunistisch zijn dat dit na enkele wedstrijden al gebeurt. Bakkali was de nieuwe Johan Cruijff, met als enig verschil dat zijn wereldheerschappij in een ander rood-wit shirt zou beginnen. Helaas stortte PSV na een paar wedstrijden volledig in en nam het de frivole Marokkaanse Belg mee in zijn val. Zo zijn er nog legio voorbeelden te noemen. Dit weekend is nog iemand van zijn voetstuk gedonderd. Al was het dit keer geen speler, maar een trainer. André Villas-Boas, als een raket omhoog gegaan, nu vallend als een baksteen.

André Villas-Boas was vroeger één van de weinige jongens die in de pauze niet meteen naar buiten rende en te roepen dat hij wilde ‘poten’. En hij was ook niet zo iemand die meteen werd gekozen. Kleine André werd namelijk helemaal niet gekozen. In ieder geval niet als speler. Het liefst stond hij namelijk aan de rand van het geïmproviseerde veld, terwijl zijn vriendjes gingen voetballen. Geboeid keek hij toe naar hoe er totaal geen gedachte achter het team van de rennende jongens zat. Waarschijnlijk was het schoolvoetbalteam van zijn klas het eerste (en laatste) ooit dat met een hangende linksbuiten, opkomende backs en de punt naar achteren speelde.

Kleine André was namelijk nooit een voetballer. Hij was van kinds af aan al geïnteresseerd in tactieken, opstellingen en looplijnen. Mooi is de anekdote dat Villas-Boas op 16-jarige leeftijd een ietwat betweterige en ook wel brutale brief stuurde naar Bobby Robson, toentertijd trainer van FC Porto. Het leverde hem een officieel illegaal toegangsbewijs tot de trainerscursus. Na een Tempo Team-achtig baantje bij de Britse Maagdeneilanden, begon hij als assistent bij FC Porto onder José ‘The Special One’ Mourinho.

In Villas-Boas’ eerste seizoen als hoofdtrainer, bij Academica Coimbra, werd begonnen aan de sokkel waar de Portugees later een plekje op zou krijgen. Hij toverde de grijze middenmoter om in een leuk voetballende ploeg en werd naar FC Porto gehaald. Daar werd hij door alles en iedereen met een mening over voetbal op het voor hem gebouwde voetstuk gezet. Volledig terecht, FC Porto werd ongeslagen kampioen en incasseerde slechts dertien goals. José Mourinho zou een opvolger uit eigen land krijgen.

Maar zo snel als de ster van Villas-Boas rees, zo hard stortte hij ook weer ter aarde. FC Porto ontving maar liefst vijftien miljoen euro als afkoopsom voor de Portugees. Achteraf bleek dat ongeveer 1,6 miljoen euro per maand te zijn geweest. Na negen maanden werd de trainer namelijk weer op de keien gezet. In juli 2012 kreeg hij zoals bekend een herkansing bij Tottenham Hotspur. De 0-5 vernedering op het eigen White Hart Lane tegen Liverpool bleek de tweede doodsteek in 21 maanden.

André Villas-Boas leek geboren voor het trainerschap, maar twee mislukte Engelse avonturen verder is hij de schlemiel onder de coaches. Wat nu? Nog een derde keer een topclub trainen en het risico nemen definitief naar het niveau Ruud Gullit af te zakken? Of een stapje terug doen en lekker in de luwte de praktijk van het trainersvak nog wat meer in de vingers te krijgen, zoals Marco van Basten?

BioBV-Ruben