Mannen wiens voeten wij kussen #7: Keisuke Honda

Keisuke Honda is de natuurlijke opvolger van de Japanse legende Hidetoshi Nakata. Alleen dan een klasse beter. De on-Japans flamboyante middenvelder is de hoop van zijn natie en de voorloper van een hele generatie brutale voetballers uit het land van de rijzende zon.

Hidetoshi Nakata. De beste Japanse voetballer aller tijden. Ook al is hij nog altijd maar 36 jaar oud, als het WK van volgend jaar in Brazilië begint, is hij toch alweer acht jaar gestopt. Nakata zal met plezier kijken hoe de huidige generatie Japanse voetballers afreist naar het land van het sambavoetbal, het land waar hij zelf zijn laatste professionele wedstrijd tegen speelde op het WK van 2006. Het land waartegen hij het plezier in voetbal weer terugvond. Terwijl het nieuwe Japan zal strijden, zal de oude meester Nakata vast wel voor één of ander Japans tv-station voor analist spelen. Of anders lekker thuis op de bank voor de buis hangen met een sake en zijn land aanmoedigen. En hij zal zelf ook wel weten dat zodra het grootste voetbalevenement ter wereld weer voorbij is, hij van zijn troon van grootste Japanse voetballer ooit zal zijn geschopt. Door Keisuke Honda.

Honda is in vele opzichten de natuurlijke opvolger van Nakata. Net als Nakata is hij middenvelder, net als Nakata heeft hij blondgeverfd haar en staat hij bekend als een modieuze vent, net als Nakata is hij een idool van vele Japanners en binnenkort zal hij net als Nakata schitteren in de Serie A. Sinds Nakata stopte kwam de last van het Japanse leiderschap op de nonchalante schouders van de vrije trappen-superheld Shunsuke Nakamura, maar die bezweek eronder. Op het WK van 2010 was Keisuke Honda nog te jong, maar nu heeft hij alles om de grote keizer van Japan te zijn. Hij is nu 27, heeft een paar jaar ervaring in de zware, ijzig koude en keiharde Russische competitie, en heeft alles wat Nakata had, plús wat Nakamura had. Hij is zowel een moderne middenvelder met veel inzicht en een heerlijke balcontrole, als een vrije trappen-freak. En dus is hij de beste voetballer die Japan ooit heeft voortgebracht.

Eén van de interessantste artikelen van het hele kalenderjaar 2013 is ‘Why have Japanese people stopped having sex?’ door Abigail Haworth in The Guardian. Hoewel veel van de ‘feiten’ in het stuk inmiddels flink genuanceerd zijn, schetst het een beeld van de Japanse samenleving: het bestaat voor een groot deel uit saaie accountants die alleen maar werken en geen tijd hebben voor seks, of door alle seksloze jaren niet eens zin meer hebben in seks. Het enige wat ze doen is werken, indruk maken op de baas en verder een beetje Nintendo’en of mikado’en en dan weer op tijd naar bed. Hier en daar een sushi. Maar de Japanners zijn saaie, levenloze zombies geworden.

Natuurlijk zal het allemaal wel een stuk minder erg zijn dan in het artikel beschreven, maar toch zijn Japanners in vergelijking met ons Europeanen totaal verschillend. In de voetbalwereld is dat ook al jaren duidelijk. Nakata was de eerste echte succesvolle, want hij was dusdanig flamboyant in Japan, dat hij normaal was in Europa. Gold ook voor Shinji Ono. Maar het overgrote deel van de Japanners die in de afgelopen vijftien, twintig jaar de grote sprong in het Europese diepe waagden, was simpelweg te bescheiden, te beleefd en… te saai om te slagen in de voetballerij. Om een echte topvoetballer te worden, moet je niet alleen als een maniak zesmiljard keer een bal kunnen hooghouden met de kleine teen van je linkervoet (wat ze allemaal kunnen, die Japanners), maar ook je weg kunnen vinden in een chaotische Europese kleedkamer met 24-jarige multimiljonairs met een kronkel in hun kop. De voetbalwereld is keihard.

Ook in dat opzicht is Keisuke Honda de natuurlijke opvolger van Hidetoshi Nakata. Honda is net zo extreem cool, onder alle omstandigheden, en heeft een charisma van hier tot… Tokio. Hij is een eigenzinnige, uitgesproken kerel die volgens zijn oude VVV-Venlo maatjes Patrick Paauwe en Ruben Schaken een “apart ventje” is, “heel brutaal soms”, “overal actief bij betrokken” en “altijd vrolijk”. ”Hij was mijn buurman in Venlo,” vertelt Schaken, “dus ik ging veel met hem om. Het is een relaxte jongen, maar wel met de focus op voetbal en presteren. Honda was ook wel een apart ventje. Als hij ’s middags wilde rusten, gaf hij zijn vrouw zijn creditcard en zei hij: ga jij maar lekker shoppen, dan kan ik rustig slapen.” Hij is, met andere woorden, het soort persoon dat zich staande kan houden op duizenden kilometers van huis, tussen al die lelijke Europeanen met hun Apple-producten, en verkrachtingen van de Japanse cultuur zoals take away sushi en karate-lessen met Hollandse leraren.

Honda is precies wat het uitgebluste Japanse volk nodig heeft. Een bad boy, een rebel, met een Super Sayan-kapsel en een vreemde, ietwat enge officiële website vol cryptische boodschappen, een excentriek persoon die geen fuck geeft om de eeuwenoude Japanse etiquette en bescheidenheid. Een gozer die wél heel vaak seks heeft. Als je ‘Keisuke Honda’ intypt op Google-afbeeldingen is één van de eerste suggesties ‘Keisuke Honda body’. Ik durf te wedden dat duizenden Japanse schoolmeisjes dat stiekem opzoeken ’s nachts. Giechelend. Honda is precies het soort idool dat nodig is om het Japanse libido terug tot leven te wekken, en dus ook de levenslust.

Natuurlijk is Honda totaal geen Mario Balotelli. Naar Europese maatstaven is hij een keurige jongeman, al sinds 2008 getrouwd, die nooit iets idioots als dit doet en die altijd een op en top prof is. Maar naar Japanse maatstaven, in een door een accountant-isering gegijzelde samenleving, lijkt Honda een kruising tussen alle slechte eigenschappen van Super Mario, Mike Tyson en deze debiel. In het hypernette Japan van tegenwoordig, is Honda de naughty boy van de natie. En hij is niet alleen, want ook zijn teamgenoten Shinji Kagawa, Maya Yoshida, Eiji Kawashima, Yuto Nagatomo, Hiroki Sakai, Hiroshi Kiyotake, Mike Havenaar, Makoto Hasebe, Takashi Inui en Shinji Okazaki zijn allemaal brutale ventjes die aan het slagen zijn in de Europese kleedkamers. Geen accountants, maar samurai.

En deze groep samurai is nu onder de hoede van een Italiaanse bondscoach, Alberto Zaccheroni, die van Honda zijn adjudant heeft gemaakt. In het veld is de CSKA Moskou-middenvelder de absolute leider, de meest getalenteerde speler (samen met Kagawa) en de man die ‘de lijnen uitzet’, om er maar eens trainersjargon tegenaan te gooien. Het ‘nieuwe Japan’ heeft inmiddels tegen zowel Nederland als België laten zien dat het serieus mee kan doen op het komende WK. En dan was er nog de nu al legendarische wedstrijd van 19 juni 2013 op de Confederations Cup: Italië tegen Japan. Iedereen die tot twee uur ’s nachts opbleef om die wedstrijd af te zien weet het: het was één van de mooiste wedstrijden van de afgelopen tien jaar. De Japanners verloren op het laatst met 4-3, maar ze ‘gaven hun visitekaartje af’ (trainersjargon-alert!). Vooral Honda en Kagawa waren fantastisch.

Honda en Kagawa, de hoop van de Japanners. Kagawa is stiekem misschien nog wat beter, maar Honda is met zijn persoonlijkheid en leiderschap toch de belangrijkste speler van het elftal. Hij is niet alleen een geweldenaar binnen de krijtlijnen, maar ook daarbuiten spreekt hij tot de verbeelding van de gewone man op de Japanse straat. Hij is de brutaalste, de coolste, de meest Europese. Hij is de man waar ze bij de andere teams met het meeste ontzag naar zullen kijken. Keisuke Honda is het idool dat het Japanse volk nodig heeft, om weer te ontsaaien en te ont-accountantiseren. Hidetoshi Nakata zal komende zomer meekijken, en zien dat het goed was.

Foto bovenaan: wallcook.com.