Leonardo, het boek: het is om te janken

leonardo

Een beetje voetballer heeft een eigen biografie. Grootheden van zowel vroeger als nu zoals Lionel Messi, Zlatan Ibrahimovic, Johan Cruijff en Willem van Hanegem hebben al een eigen boek. Toch hoef je geen fantastische carrière gehad te hebben. Zo kregen ‘modale’ voetballers als Andy van der Meyde en Fernando Ricksen ook al een schrijfsel voor fans en nageslacht. Vorige week werd toch wel een dieptepunt bereikt: het (voetbal)leven van Leonardo de Vitor Santiago is nu ook in boekvorm verschenen.

Leonardo de Vito Santiago, beter bekend als Leonardo, is één van de slechtste voetballers die er in de eredivisie geweest is. Alexander Östlund was dramatisch, Ismaël Urzaíz kon er geen moer van en niemand heeft vooralsnog Matias ‘Zanka’ Jörgensen op goede basistechniek kunnen betrappen. Maar Leonardo was echt ‘rock bottom’. Als hij tussen een blessure aan zijn wimper en een pijnlijke knokkel speelde, was het niet om aan te zien.

Toch wist hij wel eens te scoren. Zo scoorde hij met Feyenoord tegen Freiburg. Met een container vol geluk, maar dat terzijde. En meteen janken. Dat was het sneue handelsmerk van de Braziliaan bij Feyenoord. Scoren, rennen als een bezetene en huilen alsof hij net de winnende goal in de WK-finale had gemaakt. Een zielige vertoning, overdreven ook vooral. Zeker als je bedenkt dat het met bijvoorbeeld de clubliefde van Leonardo wel meeviel.

In de tweede seizoenshelft van het seizoen  2005-2006 werd Leonardo zowaar clubtopscorer van NAC Breda. Met zijn acht doelpunten hielp hij degradatie voor zijn club voorkomen. De zomer erna contracteerde de Brabantse club trainer Ernie Brandts. Hij durfde het aan om ‘Leo’ naar de linksbuiten positie te degraderen. Daar moet je bij een trotse Braziliaanse spits niet bij aankomen, dus kwam er ruzie. En een schorsing voor de speler. Na een halfjaar tobben ging Leonardo naar Ajax, tot zover dus de clubliefde – en bijbehorende tranen – voor Feyenoord.

Henk ten Cate zag wel wat in Leonardo en posteerde hem als … linksbuiten. Waar je bij NAC Breda meteen je scheur opentrekt, hou je je bij het grote Ajax natuurlijk muisstil. Ook bij de Amsterdamse club ging het fout, zowel op fysiek vlak als op communicatief gebied. Je zou bijna zeggen dat Leonardo huilend terug naar NAC Breda ging, want hij tekende er een nieuw contract in 2009. Maar ook daar ging het weer mis, onder anderen met (assistent-)trainer John Karelse.

Na drie clubs in de eredivisie ging Leonardo naar Red Bull Salzburg. Na een korte oprisping faalde Leonardo weer net zo hard als bij Feyenoord, NAC Breda en Ajax. Ook bij het Hongaarse Ferencvaros heeft hij geen potten, zelfs geen kleine potjes, kunnen breken. Wel zijn kuitbeen. Naar eigen zeggen omdat ‘er mensen in het veld zijn die niet van getalenteerde spelers houden’. Blijkbaar verdienen voetballers zonder communicatievaardigheden, zonder motivatie, zonder prestaties, zonder respect voor autoriteit en vooral zonder zelfreflectie ook een biografie.

BioBV-Ruben