Circus Doyen met El Tigre als hoofdact

Radamel Falcao, bron: The Independent

Geld in de voetballerij. Het is een cliché-onderwerp geworden. Spaanse clubs worden indirect overeind gehouden door de Europese belastingbetaler, terwijl de gemiddelde Rus of Arabier in zijn eentje een hele club (of zelfs meerdere) kan laten draaien. En niet met de minste spelers. Het meest recente voorbeeld van de oliedollar-tsunami in de voetballerij is AS Monaco. De Franse club, die afgelopen seizoen promoveerde naar de Ligue 1, is overgenomen door een man die zijn dochter een appartement van 88 miljoen dollar cadeau doet.

De club uit het land van de nouveau riche en lage belastingen kocht deze zomer alvast voor zestig miljoen euro de Colombiaanse spits Radamel Falcao. Op zich niks vreemds aan, zeker niet voor de geoefende voetbalfan. Zestig miljoen zit toch nog best ver weg van het recordbedrag van 92 miljoen dat ooit voor Cristiano Ronaldo werd neergeteld. En het salaris van Falcao bedraagt veertien miljoen euro. Ook een schijntje als je kijkt naar het honorarium van Samuel Eto’o die naar verluidt twintig miljoen netto opstrijkt bij FC Anzhi.

Toch zijn er mensen die protesteren. En terecht. Falcao maakte furore bij FC Porto en Atlético Madrid. Twee mooie clubs die op veel sympathie kunnen rekenen. De Colombiaan heeft ook de kwaliteiten om bij een nog iets grotere club de sterspeler te worden. Denk aan het kaliber Manchester United, Bayern München, Barcelona. Natuurlijk kun je debatteren over of de speelstijl van de Europese giganten bij deze superspits zou passen. Maar een overgang naar één van deze clubs zou logischer zijn dan de transfer naar het zoveelste FC Utopia.

Valt Falcao echter wel iets te verwijten? Kiest hij echt met zijn volle verstand voor het grote geld boven de eeuwige roem (met iets minder geld)? De waarheid ligt even anders. De man die twee jaar achter elkaar de Europa League won met zijn ploeg, heeft namelijk weinig te vertellen over zijn toekomst. Waar ongeveer elke voetballer een (al dan niet geldbewuste) zaakwaarnemer achter zich heeft staan, gaat het bij Falcao nog iets verder.

De Colombiaanse spits is namelijk eigendom van Doyen Sports. Het bedrijf wist een groot deel van de transferrechten van Falcao te bemachtigen. Dus om een lang verhaal kort te houden: hoe vaker ‘El Tigre’ wordt verkocht, hoe beter. En als dat telkens met een flinke som geld gepaard gaat, nóg beter. Als je naar de twee tranfers binnen Europa kijkt, staat de teller in totaal al op honderd miljoen. En aangezien het Doyen niet om slechts een paar procentjes van de som gaat, kun je er donder op zeggen dat het bedrijf weinig heeft te vrezen van de eurocrisis.

Maar hier blijft het nog niet bij. Doyen Sports heeft namelijk een aardige selectie bij elkaar weten te brengen. Naast Falcao zijn er nog 22 spelers die deels eigendom zijn van de investeringsgroep. De bekendste namen zijn de Belg Steven Defour, de Spanjaarden Alvaro Negredo en José Antonio Reyes en de Nederlanders Zakaria Labyad en Ola John. Neymar is de nieuwste aanwinst. Elke transferwindow zal er wel minstens één speler van club wisselen. En ook al levert elke speler voor Doyen een paar miljoen op, dan nog rinkelt de kassa lekker op het hoofdkantoor op Malta.

Naar verluidt zou er een bekende agent achter dit bedrijf zitten, Jorge Mendes, in het dagelijks leven zaakwaarnemer van onder meer José Mourinho en Cristiano Ronaldo. Deze ongetwijfeld goedverdienende Portugese meneer zou achter de transfers van James Rodriguez, Joao Moutinho en Ricardo Carvalho zitten. Toevallig, of juist niet, gaat het drietal komend seizoen spelen bij AS Monaco.

Één man met geld kan één club beïnvloeden, maar een heel bedrijf met geld kan tientallen transfers beïnvloeden. Bij AS Monaco blijkt er zelfs een combinatie te zijn. Een misschien wel fatale combinatie voor het voetbal.